De posterpresentaties bij de ontmoetingsdag InZicht 2018 in Ermelo waren dit jaar voor het eerst gebundeld in een aantal workshops. Hieronder vindt u informatie over de workshops en de links naar de posters.

Inhoud

Workshop Communicatie

Beter communiceren met hulpmiddelen

In deze workshop presenteren drie onderzoekers hun project. Een daarvan is de zogeheten haptische riem, een systeem dat emoties van gesprekspartners toegankelijk maakt. Richard van Wezel demonstreert de riem samen met Geert Joosten, voorzitter van het cliëntenpanel van InZicht (zie foto’s). In de discussie spreken de deelnemers over een ervaring van Bartiméus met een door hen ontwikkeld apparaat voor communicatie tussen doofblinde cliënten en hulpverleners. In de praktijk bleek dat cliënten moeilijk met het apparaat konden omgaan. Ook waren er een paar niet goed oplosbare technische problemen. Deelnemers merken op dat mensen met een visuele beperking niet zitten te wachten op een veelheid aan specifieke hulpmiddelen. Ze zien verschillende functionaliteiten liever samengebracht, bijvoorbeeld in een smartphone.

Lees meer over de workshop Communicatie
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Samen optrekken

Workshopdeelnemers uit de technische hoek stellen dat het dus van groot belang is dat technici en mensen met een visuele beperking van meet af aan samen optrekken. Zo kom je samen tot een hulpmiddel dat past in de praktijk van alledag. Een andere opmerking: technologie is mooi, maar robotisering moet er niet toe leiden dat sociale contacten worden beperkt of dat robots in de plaats komen van mensen. 

Ontwikkelstudies over langere tijd

In een volgende fase kan InZicht zich richten op het versterken van de onderzoeksinfrastructuur, en dan mede op thematische onderzoekslijnen met een langere looptijd. Cruciaal voor zinvolle innovatie is meer publiek-private samenwerking met een grote inbreng van de doelgroep. Ook klinkt een pleidooi voor meer ruimte voor ontwikkelstudies c.q. verkennende studies als voorbereiding op langer lopende projecten. Concreet: denk aan het ontwikkelen van prototypes die dan in een vervolgtraject doorontwikkeld kunnen worden tot een marktrijp product.

Welk onderzoek is nog nodig?

Ten slotte doen deelnemers aan de workshop de oproep om nader in kaart te brengen welke onderzoeksresultaten er beschikbaar zijn en welke onderzoeken er op dit moment lopen. Dat maakt het mogelijk in beeld te brengen welke onderzoeksbehoefte er nog is. En dan met name bij mensen met een visuele beperking. Voorzitter Els van Gessele, tevens programmasecretaris van InZicht, kan hierop meteen positief reageren: deze handschoen is inmiddels samen met Ruth van Nispen van het VUmc opgepakt.

haptische riem ligt op tafel
man met microfoon presenteert haptische riem met Geert Joosten
man met microfoon test haptische riem
Demonstratie van de haptische riem, met proefpersoon Geert Joosten.
man met microfoon test riem bij Geert Joosten

Workshop Psychische problemen

Eigentijdse begeleiding bij psychische problemen

Een visuele beperking brengt vaak ook psychische klachten met zich mee. In deze workshop komen verschillende studies aan de orde, zoals een onderzoek naar de economische impact van vermoeidheid en een project rond posttraumatische stress bij mensen met visuele beperkingen. Hilde van der Aa presenteert E-PsEYE, een zogeheten blended care-aanpak van somberheid en angst bij mensen die regelmatig ooginjecties krijgen. Is deze aanpak kosteneffectief? En zijn er struikelblokken voor de implementatie? Belangrijke vragen, want uiteindelijk zal de oogarts – al dan niet via de verpleegkundige – tijd moeten inruimen om een patiënt bij psychische problemen deze interventie aan te bieden. Zij kunnen dus mooi early testerszijn. 

Lees meer over de workshop psychische problemen
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Samen ontwikkelen

Een ander project is Psyvisnet, een onlinecommunity of practice voor professionals die werken met mensen met een visuele beperking en psychiatrische problemen. Er bestaan geen protocollen voor de begeleiding van deze groep, legt onderzoeker Lisanne Teunissen uit. Het is dus belangrijk om professionals met elkaar te verbinden, zodat zij kennis kunnen delen over de beste aanpak. Dat kan nu via dit online platform. Psyvisnet is ontwikkeld in nauwe samenspraak met professionals, die vanaf het begin konden meebeslissen over de belangrijkste functionaliteiten. Een van de workshopdeelnemers heeft aan dit proces meegedaan en is er enthousiast over. Volgens haar is er ‘mooi maatwerk’ geleverd. Zo is een gemeenschappelijk product ontstaan, dat meerwaarde heeft voor praktijkmensen die kennis en ervaring willen delen. 

Belang van goed slapen

Slaappsycholoog Karin van Rijn wijst de verschillende onderzoekers op de verstoring van de biologische klok als medebepalende factor voor psychische problemen. Volgens haar draagt een verstoord slaap-waakritme bijvoorbeeld vaak bij aan somberheidsklachten. En omdat veel mensen met een visuele beperking juist ook problemen hebben met dat ritme, moet je dit aspect zeker meenemen in onderzoek naar psychische problemen, aldus Van Rijn.

Kansen voor e-health

Uit de zaal komt nog een vraag naar de kansen voor e-health. Daar is juist in de geestelijke gezondheidszorg veel ervaring mee. Helaas zijn veel e-health-toepassingen nog erg visueel georiënteerd. Een deelnemer stelt dat ook jongeren met visuele beperkingen met online toepassingen zijn opgegroeid. Er is veel te winnen in begeleiding en behandeling met e-health, mits de programma’s in kwestie goed toegankelijk zijn voor mensen met een visuele beperking.

Workshop Leren & lezen

Technologie voor leren en lezen met een visuele beperking

Het onderwijs is erg visueel ingesteld, zeker nu veel meer met computers wordt gewerkt en leuke filmpjes onderdeel zijn van het leerproces. Maar wat nu als leerlingen of studenten niet (goed) kunnen zien? En ook moeite hebben met geschreven tekst? In deze workshop komen enkele projecten aan bod die hiervoor oplossingen proberen te vinden. Een daarvan is de SenseMath, die het horen en voelen van grafieken mogelijk maakt. Dat maakt wiskunde veel toegankelijker en vooral leuker. Zo slagen waarschijnlijk meer leerlingen voor het vak wiskunde, waardoor ze later ook meer kansen hebben op de arbeidsmarkt. 

Lees meer over de workshop Leren & lezen
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Grafieken voelen en horen

Onderzoeker Wendy Voorn licht de SenseMath toe, waarna de deelnemers zelf kunnen horen en voelen hoe het werkt (zie foto’s). In de demonstratie neemt Vroon de deelnemers mee in deze nieuwe manier van tabellen maken en lezen. De SenseMath kan blinde kinderen via tast en auditieve ondersteuning stimuleren tot meer zelfstandigheid, vertelt ze. Nadat een formule is ingevoerd, presenteert de SenseMath-app deze visueel in een grafiek en toont bovendien een muzikale vertaling van de formule. Om de grafiek in meer detail te analyseren, kan de leerling een 3D-print maken. Door deze print op de iPad te leggen, is er nog meer auditieve informatie te beluisteren. Het analyseren van wiskundige problemen met meerdere zintuigen gaat sneller, aldus Vroon. Op deze manier kan elke leerling op zijn of haar gewenste manier leren.

Meer variatie mogelijk

Tijdens de presentatie ontstaat een discussie over de voor- en nadelen van diverse technologische ontwikkelingen. Duidelijk is dat het gebruik van een nieuwe technologie als 3D-printen tabellen op een andere manier toegankelijk weet te maken. Dat geeft docenten de mogelijkheid om meer variatie aan te brengen dan een standaard ‘tactieltabel’. Tijdens de demonstratie blijkt overigens dat iedereen weer een andere invulling geeft aan geluiden die bij elkaar zouden horen. Volgens Voorn is dat een bekend gegeven. Daarom is vanuit haar onderzoek ook kennis uitgewisseld over andere studies naar de zogeheten ‘clustering van geluiden’. 

 

tastbare grafieken
mensen en geleidehond luisteren naar spreker
hand voelt aan tastbare grafiek
Toelichting over tastbare grafieken
mensen gebogen over een tafel met informatie

Workshop Navigatie & mobiliteit

Slimme navigatie en een betere mobiliteit

Zelfrijdende auto’s, scootmobielen of zelfs e-bikes. Er wordt serieus aan gewerkt óf over nagedacht. De doorontwikkeling kan grote voordelen hebben voor mensen met een visuele beperking. Je zelfstandig en veilig kunnen verplaatsen geeft je immers meer eigen regie. Maar precies dat aspect – eigen regie – is ook een lastige factor bij autonoom rijdende voertuigen. Want wie zich verplaatst, wil toch graag letterlijk zelf het stuur in handen houden.

Lees meer over de workshop Navigatie & mobiliteit
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Zelfstandig rijden kan best

Twee projecten in deze workshop hopen kennis aan te dragen om hiermee verder te komen. Bart Melis Dankers en Bart Jelijs lieten mensen met een visuele beperking zelfstandig rijden op respectievelijk een scootmobiel of e-bike. Dankers vindt het op basis van zijn onderzoek verantwoord dat mensen met een visuele beperking een scootmobiel gebruiken. Zelfvertrouwen is belangrijker dan de feitelijke beperking, legt hij uit, dus je moet per persoon bekijken of het veilig en verantwoord kan. Jelijs ontdekte dat mensen met een visuele beperking op een e-bike niet sneller rijden dan op een gewone fiets. Zijn conclusie: zij creëren meer tijd om goed te kunnen kijken.

Eigen regie behouden

Joey van der Bie (zie foto’s) werkt aan navigatietechnologie die mensen met een visuele beperking ondersteunt, maar niet de eigen regie afneemt. Zijn project heet EyeBeacons en maakt gebruik van bakens (beacons) die signalen afgeven. In combinatie met geschikte software helpen deze bakens om te navigeren. Bij die navigatie is zowel taalgebruik (niet ‘100 meter’, maar ‘40 stappen’) als de beleving erg belangrijk; wat is er om mij heen te zien, ruiken, voelen et cetera? Van der Bie is ambitieus: hij wil een zogeheten wayfinder-standaard maken, richtlijnen voor navigatie-apps die ook geschikt zijn bij een visuele beperking. In Amsterdam moeten uiteindelijk 2.000 bakens geïnstalleerd zijn. De gebruiker van EyeBeacons kan zelf aangeven welke informatie hij wil doorkrijgen en wat juist niet. Eigen regie dus over de navigatie.

Mentale kaart meten 

Meer fundamenteel onderzoek komt van Loes Ottink. Bij het navigeren creëren mensen een mentale kaart in het hoofd, die zichtbaar gemaakt kan worden met een MRI-scan. Kan deze mentale kaart ook gevormd worden op basis van tactiele en auditieve informatie? Ook de resultaten van deze studie kunnen bijdragen aan betere navigatie-apps.

Joey van der Bie licht EyeBeacons toe
mensen kijken naar demonstratie EyeBeacons
man praat in microfoon
Toelichting over Eye-beacons
iPhone met wit apparaat ernaast

Workshop Innoveren organiseren

Kun je innoveren organiseren?

Innoveren is een noodzaak, maar hoe organiseer je innovatieprocessen in instellingen nu op een slimme manier? In deze workshop behandelen deelnemers best practices en bespreken ze de do’s en don’ts. Een van hen, werkzaam in het bedrijfsleven, heeft in haar werkweek tijd geblokkeerd om nieuwe ideeën uit te werken. Haar suggestie: reserveer er op een dag een vast half uur voor. Ook heeft ze een advies voor zorginstellingen: geef professionals deze geoormerkte ruimte, zodat ze in hun werk ook meer gericht raken op innovatie.

Lees meer over de workshop Innoveren organiseren
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Andere managementstijl

Deelnemers uit zorgorganisaties noemen het een mooi idee, maar zeggen dat de uitvoering ervan snel in de knel raakt vanwege de productiedruk. Toch is er met een andere managementstijl wel degelijk meer mogelijk, stellen anderen, en daarvoor zijn de instellingen zelf aan zet. Alleen tijd vrij roosteren is overigens niet genoeg. Organisaties zullen ook moeten investeren in de innovatievaardigheden van hun medewerkers.

Innovatie van onderop

De deelnemers zijn het erover eens dat nieuwe ideeën beter bottom-up kunnen worden uitgewerkt dan top-down. Er is in de dagelijkse praktijk alleen nog weinig geloof dat innovatie ook echt van onderop kan komen. Terwijl cliënten en professionals toch het uitgangspunt zijn voor de kwaliteit van het werk. Neem dus de ‘klantreis’ als basis voor vernieuwing, luidt een suggestie in de groep. Anders gezegd: luister naar de doelgroep én naar de werkvloer. Bijkomend voordeel is dat mensen zich zo sneller eigenaar voelen van zowel het probleem als de oplossing. Dat is goed voor het draagvlak voor vernieuwing en vergroot de bereidheid om mee te werken aan innovatieve projecten. Houd in elk geval steeds de achterliggende gedachte goed in beeld: wat willen we met deze vernieuwing bereiken? Koop dus niet zomaar een nieuwe toepassing in omdat het zo’n mooie gadget lijkt. Stel steeds de vraag: wat heeft de doelgroep eraan?

Ruimte voor experiment

Het is volgens de deelnemers niet aan InZicht om voor de noodzakelijke organisatieverandering te zorgen. Wel kan het programma in een volgende fase ruimte creëren voor kortdurende experimenteerprojecten. Een suggestie uit de groep: faciliteer open innovatie en beluister bij de praktijkorganisaties wat de problemen zijn (dus waar loopt de sector zelf tegenaan?). En zorg ervoor dat iedereen leert van het innovatieproces.

Groep mensen aan een ovalen tafel
Man praat met handgebaar
Inesz van Benten praat in een groep
man praat in een groep

Workshop Sociale ontwikkeling

Leren omgaan met anderen bevordert sociale ontwikkeling

In deze workshop komen twee onderzoeken aan de orde. Een daarvan is dat van Sabina Kef naar het belang van mentoren voor jongeren met een visuele beperking. Deze jongeren hebben vaak problemen met sociale participatie. Ook rapporteren ze vaker psychosociale problematiek. Een match met een mentor kan dit mogelijk verbeteren. In het onderzoek gingen 76 jongeren met een mentor op stap. Ze praatten met elkaar, waarbij de mentor een rolmodel is van wie de jongere veel kan leren.

Lees meer over de workshop Sociale ontwikkeling
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Inspirerende ervaringen 

In het onderzoek vertelden zowel jongeren als mentoren over hun ervaringen. 'Ik heb dingen gedaan die ik nooit had gedaan zonder mijn mentor', vertelde een jongere. Een mentor: ‘Het was echt inspirerend om de glimlach op haar gezicht te zien. Ik ben blij dat ik haar zoveel nieuwe dingen heb kunnen laten ervaren.' Een van de jongeren van wie de mentor ook een visuele beperking had, zei dat ze veel van elkaar hadden geleerd. Dat is een mooie opbrengst, maar volgens Kef is het voor de kwaliteit van de match tussen mentor en jongere niet aantoonbaar van belang of de mentor wel of geen beperking heeft. In de discussie komt naar voren dat het hoe dan ook nodig is goed aan te sluiten bij de belevingswereld van jongeren. ‘De woorden pubers en revalidatie passen niet in één zin.’

Smart toys voor betere sociale interactie

Een andere studie is van Suzanne Verver. Zij onderzoekt de sociale interactie van kinderen met een visuele beperking tijdens het spelen met een zogeheten smart toy, interactief speelgoed dat tijdens het spelen geluiden en muziek produceert. Voor veel kinderen met een visuele beperking is samen spelen een uitdaging. De spelontwikkeling van deze kinderen is meestal vertraagd en speelgoed is vaak weinig betekenisvol voor ze. Door met interessant spelmateriaal onderling spelcontact te stimuleren, een belangrijke meerwaarde van spel, krijgen zij meer mogelijkheden om zelfstandig te oefenen met sociale interactie. Dat kan uiteindelijk ook participatie in de samenleving verbeteren, is de veronderstelling. Verver ziet veel mogelijkheden in de inzet van smart toys. ‘Ook in de klas bijvoorbeeld. Daar kunnen ze een middel zijn om visueel beperkte kinderen een rijke leeromgeving te bieden.’ 

Workshop Diagnostiek

Scherpere diagnostiek, betere begeleiding

De zeven onderzoeken rond diagnostiek in deze workshop zijn relevant voor een betere behandeling en effectievere begeleiding van mensen met visuele beperkingen. Een directe link met technologische hulpmiddelen en eigen regie van cliënten is er niet, maar veel projecten maken zeker gebruik van nieuwe techniek om het diagnostische instrumentarium verder te preciseren.

Lees meer over de workshop Diagnostiek
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Oogbewegingen beter scannen

Een voorbeeld is STIP-MS, experimentele diagnostiek met behulp van remote eye tracking (het volgen van oogbewegingen). De techniek wordt onderzocht bij MS en Parkinson, aandoeningen die vaak samengaan met oogbeweegstoornissen. Patiënten volgen in een korte test (zo’n 5 minuten) een bewegende stip op een monitor. De computer meet hun reactietijd en nauwkeurigheid. Door die metingen vervolgens te classificeren, is een precieze diagnose mogelijk en wordt het kiezen van een passende behandeling makkelijker. Het idee is om subtiele verschillen beter in beeld te krijgen. Nu moet de optometrist deze verschillen nog ‘op gevoel’ proberen in te schatten.

Doelmatiger testen

STIP-MS – plus een aantal andere van de gepresenteerde studies – maakt deel uit van een groter onderzoeksprogramma dat werkt aan doelmatige tests om het gezichtsveld te scannen. Deze kennis gaat uiteindelijk een betere revalidatie opleveren, stellen de onderzoekers. Een ander project is ‘Normering en validering van de visuele DiaNAH-testbatterij’. Deze testbatterij is bedoeld voor een betere diagnostiek bij mensen met niet-aangeboren hersenletsel (NAH). Veel NAH-patiënten hebben last van klachten als wazig zien of een slechtere contrastwaarneming. De testbatterij van 11 visuele tests wordt afgenomen op een A3-formaat computertablet. Hoe precies deze tests zijn, wordt onder meer onderzocht door de testresultaten te vergelijken met die van 16 veelgebruikte visuele pen-en-papier-tests.

Diagnoses met filmpjes en cartoons?

Wat kan het programma InZicht in een volgende fase doen op het gebied van diagnostiek? Belangrijk, zo oppert een deelnemer, is de vertaling van de resultaten naar andere patiëntgroepen, bijvoorbeeld kinderen. Ook daar is een objectivering van de – nu nog subjectieve – inschattingen van de oogarts te realiseren met moderne diagnostische technologie. Denk daarnaast aan de korte aandachtspanne van kinderen, die het doen van uitgebreide tests lastig maakt. Als je iets kunt ontwikkelen met filmpjes of cartoons om oogbewegingen te meten, kan de diagnostiek veel beter worden. 

man spreekt in zaal
mensen staan te luisteren
Frans Zitman spreek in een zaal
Mensen staan te luisteren in een zaaltje

Tekst: Marc van Bijsterveldt

Fotografie: Robert Tjalondo

Links

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website