Voor steden bestaan al allerlei methoden om de leefomgeving gezonder in te richten, terwijl er voor dorpen, waar weer andere thema’s spelen, veel minder is. In de gemeente Westerkwartier vindt een pilot met de GO!-methode plaats. Twee betrokkenen vertellen over de uitkomsten en de voor- en nadelen.

De gemeente Westerkwartier in de provincie Groningen is een van de vijf gemeenten in het consortium GO! Noord Nederland. Hier vallen 41 dorpen onder en in drie daarvan vindt een pilot met de GO!-methode plaats, die al eerder in Utrecht is toegepast. Vanuit de gemeente is onderzoeker Jacqueline Slopsema hierbij betrokken en projectleider Judith Hin van het RIVM begeleidde de bewonersbijeenkomsten.

Voorbeelden van gezondheidsproblemen in de dorpen in de noordelijke provincies zijn eenzaamheid en overgewicht, vertellen ze. Ook speelt in de kleinere dorpen vergrijzing en het feit dat er vaak maar weinig voorzieningen zijn, zoals winkels en openbaar vervoer. “Er is vaak genoeg mooie natuur, maar niet overal zijn kleine ommetjes in de buurt en ontmoetingsplaatsen,” licht Slopsema toe.

Ontmoetingsplek, natuurlijk spelen en beweegroute

Zo’n 10 à 15 bewoners per dorp deden mee aan het GO!-traject, vertelt ze. “Het was fijn dat bijvoorbeeld ook de dominee in een dorp meedeed, want zij wist van de eenzaamheid die daar speelt en de andere bewoners niet.” De bewonersgroep en de gemeente hebben samen bepaald welk project de meeste gezondheidswinst zou opleveren voor het dorp en ook realiseerbaar is. Vervolgens is de rest van het dorp geïnformeerd en op verschillende manieren betrokken bij de uitvoering, onder andere met enquêtes en bewonersbijeenkomsten.

In het dorp Aduard in deze gemeente is het gekozen project ook al aangelegd: een ‘beweegpad’ voor jong en oud, met uitleg. In Noordhorn gaan vrijwilligers een dorpsweide met een plek voor natuurlijk spelen maken en in Grootegast komt een ‘ontmoetings- en beweegstartpunt’, waar wandelaars en sporters kunnen afspreken en ook jeugd kan ‘chillen’.

De 6 stappen van de GO!-methode zijn doorlopen in de gemeente Westerkwartier, maar de methode is vervolgens niet zoals de bedoeling was in de overige gemeenten voortgezet. Dat kwam doordat er vanwege Covid-19 grotendeels online gewerkt moest worden. “Met zoveel partijen was dat nogal een uitdaging,” zegt Hin.

Beter gefundeerde keuzes

Ze kijkt desondanks tevreden terug op de pilot: “Er ligt nu een methode voor gemeenten en het onderwerp staat meer op de agenda.” De doorloopsnelheid moet in het vervolg wel wat sneller, zegt ze, al lag het feit dat het nu wat lang duurde ook aan corona en doordat de methode nog ontwikkeld moest worden.

Het RIVM krijgt ondertussen veel vragen van gemeenten en provincies over de GO!-methode, vertelt ze. “Met het werkboek kan straks iedereen aan de slag, ook met een deel van de methode, zoals bijvoorbeeld de dataroos.”

Dorpsbrede benadering

Ook Slopsema vond de GO!-methodiek goed werken. “Normaalgesproken krijgen we een verzoek van een bewoner, die bijvoorbeeld graag een speeltuintje wil en dan kijkt de gemeente hoe ze daarbij kan faciliteren. Met deze methode kijk je breder, dorpsbreed, naar waar behoefte aan is. We hebben zo veel beter zicht op welke mogelijkheden er zijn en de keuzes zijn beter gefundeerd.”

Het lijkt haar daarom goed als de methode ook in andere delen van Nederland bekend en toegepast wordt. Voor die uitvoering  moeten gemeenten dan wel subsidie krijgen, benadrukt ze. “Dan kunnen medewerkers zich hier volledig voor inzetten, in plaats van dat het zoals tot nu er even bij gedaan moet worden.”

Gezondheid tussen de oren

Hin wijst verder op het feit dat gaandeweg duidelijk werd dat nog een aantal tussengesprekken tussen de stappen nodig zijn om bewoners en ambtenaren op de hoogte te brengen van de status en de vervolgstappen. Slopsema merkte ook dat het af en toe lastig was om ook collega’s enthousiast te maken voor de methode. “Veel medewerkers zijn gewend aan vaste potjes en niet aan afdelings- en thema-overstijgende projecten. Het is daarom lastiger om collega’s hierbij te betrekken en om budgetten voor dit soort projecten in te zetten.”

Toch is volgens Slopsema door het GO-traject die integrale manier van denken wel verder gestimuleerd. Ambtenaren in haar gemeente kregen nieuwe inzichten waardoor ze anders naar een gezonde leefomgeving zijn gaan kijken. “Het zou mooi zijn als die nadruk op de gezondheid nog meer tussen de oren komt.”

Maak ruimte voor gezondheid

Wat zijn de effecten van de inrichting van de leefomgeving op gezondheid, duurzaam (on)gezond gedrag, en deelname aan de samenleving? Daarover is nog maar weinig bekend. Om daar verandering in te brengen, werken 7 consortia aan onderzoek naar de gezonde leefomgeving.

Achtste leernetwerkbijeenkomst Maak ruimte voor gezondheid

Hoe kun je met de GO!-methode de leefomgeving in dorpen gezonder inrichten? Dit kwam aan bod op de achtste leernetwerkbijeenkomst van de ‘Maak ruimte voor gezondheid’ consortia, georganiseerd door GO! Noord Nederland op 20 juni 2022 op de Hogeschool Windesheim in Zwolle. Deelnemers konden zelf ervaren hoe de GO!-methode werkt. Lees meer over de bijeenkomst.

Meer informatie

Colofon

Tekst: Thessa Lageman, thestorytellingstudio.nl

ZonMw stimuleert gezondheidsonderzoek en zorginnovatie. ZonMw financiert gezondheidsonderzoek en stimuleert het gebruik van de ontwikkelde kennis - om daarmee de zorg en gezondheid te verbeteren. ZonMw heeft als hoofdopdrachtgevers het ministerie van VWS en NWO.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website