De aandacht voor het gebruik van psychedelica als geneesmiddel voor het behandelen van pijn, trauma’s en (zware) depressies neemt toe. De inzet van middelen als cannabis, MDMA, LSD en psilocybine (paddo’s) kunnen rekenen op hernieuwde wetenschappelijke interesse. Kunnen deze middelen een waardevolle aanvulling of zelfs alternatief vormen voor de traditionele behandelingsmethoden? En zijn psychedelica klaar voor klinisch gebruik in de psychiatrie en neurologie? Sessievoorzitter Rutger Jan van der Gaag introduceerde de sessie en de sprekers en leidde de discussie.

Sessievoorzitter: 
Prof. dr. Rutger Jan van der Gaag

Sprekers:

  • Prof. dr. kolonel Eric Vermetten, LUMC | ARQ Centrum '45 | Ministerie van Defensie
  • Prof. dr. Robert Schoevers, UMC Groningen
  • Prof. dr. Geert Jan Groeneveld, CHDR | LUMC

MDMA bij PTSS

Eric Vermetten laat de deelnemers kennismaken met het gebruik van psychedelica in de GGZ. Hij benoemt de natuurlijke middelen psilocybine en ayahuasca en het synthetische MDMA, LSD en ketamine als psychedelische middelen, oftewel middelen die een andere ‘state of consciousness’ initiëren.
De laatste vier jaar is er een toenemende wetenschappelijke belangstelling voor psychedelica, waarbij in verschillende trials effecten gevonden zijn, ook op de lange termijn. Naast trials zijn er ook kwalitatieve studies gedaan. Er is echter een flink aantal vragen dat nog beantwoord moet worden: hoe werken deze middelen precies? Is er sprake van een placebo-effect? Moet het als combinatietherapie met psychotherapie worden gezien? Hoe moeten therapeuten getraind worden om behandeling met deze middelen te begeleiden?
Vermetten vertelt hoe een behandeling met MDMA eruitziet bij patiënten met een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Het zijn sessies van 8 uur in een huiselijke omgeving, waarbij twee therapeuten aanwezig zijn. De traumaverwerking vindt plaats zonder emotionele overweldiging. In een studie in 2013 zijn goede effecten gevonden en bij de meeste patiënten vond er ook na 45 maanden geen terugval plaats. Een congresdeelnemer vraagt of er al iets bekend is over de combinatie van MDMA met EMDR therapie. Dit is nog niet het geval.
Vermetten vindt het een positieve ontwikkeling dat er de laatste jaren meer aandacht is voor onderzoek naar psychedelica. Verschillende Nederlandse universiteiten, instellingen en overheidsorganisaties zijn hier mee bezig. Hij benadrukt dat het geen alternatieve geneeskunde is. Toch hebben psychedelica nog geen officiële status in het onderwijs. Als eerste stap worden er masterclasses gegeven, maar er zijn eigenlijk gecertificeerde trainingen nodig om patiënten op een goede manier met psychedelica te kunnen behandelen.

Prof. dr. kolonel Eric Vermetten (linksvoor) vertelt als eerste spreker in deze sessie over hoe een behandeling met MDMA eruitziet bij patiënten met een posttraumatische stressstoornis
Prof. dr. kolonel Eric Vermetten (linksvoor) vertelt als eerste spreker in deze sessie over hoe een behandeling met MDMA eruitziet bij patiënten met een posttraumatische stressstoornis

Onderzoek naar ketamine

Robert Schoevers deelt wat er bekend is over ketaminebehandeling bij ernstige depressie en wat obstakels en dilemma’s zijn. Om de deelnemers een beeld te geven van wat ketamine voor iemand kan betekenen, laat  Schoevers een fragment zien van een uitzending van ‘Dokters van morgen’ die gewijd was aan ketaminebehandeling bij patiënten met een depressie. Na één sessie waren al verbeteringen zichtbaar bij deze patiënt. De effectgrootte is vergelijkbaar met reguliere behandelingen.
Schoevers vertelt over zijn studie met generiek verkrijgbare orale esketamine bij patiënten met een behandelresistente depressie. De resultaten zijn hoopvol en komen binnenkort beschikbaar. Na de studie kunnen de deelnemende patiënten het middel op basis van compassionate use blijven gebruiken.
Nu er goede resultaten bereikt zijn bij deze patiëntengroep met een slechte prognose, is recent een nieuwe studie gestart (via de subsidieregeling Veelbelovende Zorg van Zorginstituut Nederland) waarbij gerandomiseerd wordt tussen ketamine en elektroconvulsietherapie (ECT) .
Schoevers geeft aan dat er nog verschillende onbeantwoorde vragen zijn waarvoor wetenschappelijk onderzoek nodig is, zoals wat de langetermijneffecten zijn. Een uitdaging hierbij is om het echte effect te onderscheiden van het placebo-effect, onder andere omdat ketamine moeilijk te blinderen is. Daarnaast zijn er ook dilemma’s, zoals omgaan met het niet-medische circuit; je wilt duidelijk maken dat dit middel effect heeft, maar je wilt geen impuls geven aan thuisgebruik.

Prof. dr. Robert Schoevers aan tafel
Prof. dr. Robert Schoevers: 'Er is nog wetenschappelijk onderzoek nodig naar wat de langetermijneffecten zijn.'

Medicinale cannabis bij neuropathische pijn

Geert Jan Groeneveld vertelt over zijn onderzoek naar de inzet van medicinale cannabis bij neuropathische pijn. Hij vertelt dat hij in eerste instantie twijfelde of hij wel voor de juiste sessie was gevraagd; hij dacht namelijk dat cannabis geen psychedelische effecten geeft. Verschillende patiënten beschrijven echter wel dergelijke effecten.
Cannabis helpt bij sommige patiënten met neuropathische pijn, maar het is nog onbekend bij welke patiënten het wel en bij welke patiënten het niet helpt. Hier wil Groeneveld achterkomen met zijn onderzoek.
De eerste stap is om uit te zoeken welk actief bestanddeel van cannabis in het pilletje opgenomen moet worden. Is dat alleen THC, of moet er ook CBD in? Vermindert CBD de bijwerkingen van THC? En worden de analgetische effecten van THC dan ook minder? Dit wordt onderzocht door gezonde proefpersonen THC te geven, met CBD in verschillende concentraties (of placebo).
Vervolgens zal worden onderzocht welke patiënten met neuropathische pijn goed op de behandeling met medicinale cannabis reageren, door te onderzoeken welke variabelen correleren met de respons. Deze studie start eind 2021.
Vanuit de deelnemers komen vragen over de evidentie van de pijnstillende werking van cannabis. Groeneveld geeft aan dat uit een systematische review blijkt dat het zeker wat doet op pijn, maar dat er meer bewijs nodig is. Geneesmiddelen falen tot nu toe op neuropathische pijn omdat ze ontwikkeld worden voor homogene populaties, terwijl patiënten verschillende soorten pijn hebben. In deze studie wordt gefenotypeerd om er achter te komen welke subgroep baat heeft.

De sessie wordt afgesloten met een discussie tussen de sprekers, waarbij diverse vragen van de deelnemers worden beantwoord.

Prof. dr. Geert Jan Groeneveld tijdens de presentatie
Prof. dr. Geert Jan Groeneveld: 'Het is nog onbekend bij welke patiënten cannabis helpt.'

Links en presentatie prof. dr. kolonel Eric Vermetten

Links en presentatie prof. dr. Robert Schoevers

Links en presentatie prof. dr. Geert Jan Groeneveld

Bekijk de subsessie: Psychedelica als medicijn

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website