PraktijkvoorbeeldenParade Sociaal Domein augustus 2018

Gemeenten hongerig om van elkaar te leren

Gemeenten hongerig om van elkaar te leren

‘Nu de eerste fase van de decentralisaties voorbij is, merk je dat gemeenten op zoek gaan naar kennis en ervaringen van anderen’, aldus Cees van Eijk, wethouder werk & inkomen, jeugd en diversiteit in Amersfoort. Hij verwacht dan ook dat de PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein druk bezocht zal worden.

‘Bij de start van de transities gingen gemeenten op zoek naar zekerheden, vooral financieel’, zegt Van Eijk. Maar inmiddels wordt er een enorme inhoudelijke slag geslagen. ‘Er is absoluut animo om de transformaties tot een succes te maken. Sterker nog, gemeenten krijgen er lol in. En meer dan ooit realiseren gemeenten zich dat ze elkaar nodig hebben.’

Bewijslast

‘Vroeger wilden we nog wel eens prat gaan op onze eigen ideetjes die we allemaal zelf lokaal gingen uitvoeren’, vervolgt Van Eijk. ‘Die tijd is grotendeels voorbij. Gemeenten willen nu bewijslast hebben, willen weten dat wat zij doen ergens op gebaseerd is. Geld kun je immers maar één keer uitgeven. Wat we doen, willen we dan ook gelijk goed doen.’ 

Over de PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein
Binnenkort organiseren de VNG, Werkplaatsen Sociaal Domein en ZonMw regionale dagen waarin gemeenten en hun partners laten zien hoe zij werken aan een samenleving waarin iedereen naar vermogen meedoet. Met deze parade van praktijkvoorbeelden kunnen gemeenten elkaar inspireren.

Praktijkgericht onderzoek

Dat is koren op de molen van Henk Smid, directeur van ZonMw, altijd blij met een pleidooi voor meer uitvoering op basis van gedegen kennis. Ook binnen gemeenten. ‘Wij stimuleren praktijkgericht onderzoek dat relevant is voor de gemeentelijke uitvoeringspraktijk. Er zijn inmiddels tal van ZonMw-programma’s die zich direct op gemeenten richten. Het is mooi om te zien dat een groot aantal van de projecten die wij ondersteunen, zich presenteert op de PraktijkVoorbeeldenParade.’

Cees van Eijk
Cees van Eijk
Henk Smid
Henk Smid
Cees van Eijk: ‘Meer dan ooit realiseren gemeenten zich dat ze elkaar nodig hebben’

Stapje op de ladder

Een mooi voorbeeld vindt Smid een project uit Leeuwarden waarbij mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt elkaar helpen aan contacten en zelfvertrouwen. ‘Ik vind het indrukwekkend om te zien hoe mensen die laag op de participatieladder staan, gezamenlijk toch weer dat stapje naar boven vinden. Dat vergt moed en doorzettingsvermogen. Dat gemeenten in zo’n project investeren, vind ik bemoedigend. Onderzoek laat zien wat de werkzame bestanddelen van deze aanpak zijn. Dat is handig voor andere gemeenten die iets soortgelijks willen opzetten.’

Armoede

Van Eijk heeft zijn eigen pareltje. ‘Ik kijk dan naar Twente. Daar hebben ze vanuit de Academische Werkplaats Transformatie Jeugd een prachtproject waarbij allerlei organisaties de krachten bundelen om de ondersteuning van kwetsbare gezinnen – en dan bedoelen ze vooral gezinnen in armoede – te verbeteren. Praktijkinstellingen, gemeenten, onderzoekers en onderwijsinstellingen werken daarbij nauw samen en delen alle kennis en ervaring die ze hebben. Wat mij betreft een schoolvoorbeeld van regionale netwerkvorming.’

Van vraag naar bruikbare uitkomst

Stimuleren dat dergelijke samenwerkingsverbanden ontstaan, is bijna  corebusiness van ZonMw. Smid: ‘Wij financieren veel onderzoek dat op tal van gebieden toepasbare kennis oplevert. Die kennis moet wel gebruikt worden. Daarom is het zo belangrijk dat ook lokaal al die organisaties de handen ineenslaan. Het begint met vragen van gemeenten of vragen van mensen uit het veld. Die vragen moeten leiden tot gedegen onderzoek waarvan de uitkomsten ten dienste komen aan praktijk en beleid.’

Henk Smid: ‘Hoe mooi zou het zijn als gemeenten hun kennisvragen over bijvoorbeeld jeugdzorg, arbeidstoeleiding of sociale wijkteams zouden formuleren.’

Kennisbehoefte

Kun je dan als gemeente zomaar bij ZonMw aankloppen met een onderzoeksvraag? ‘Tuurlijk’, zegt Smid, ‘dan kunnen we kijken of dat past binnen onze programma’s. Het zou echter nog beter zijn als dat meer gebundeld gebeurt; als gemeenten gezamenlijk met andere instellingen duidelijk maken aan welke kennis behoefte is. Hoe mooi zou het zijn als gemeenten hun kennisvragen over bijvoorbeeld jeugdzorg, arbeidstoeleiding of sociale wijkteams zouden formuleren. Daar zouden we gezamenlijk iets moois van kunnen maken!’ 

Hetzelfde schuitje

Ondertussen wordt er al een grote hoeveelheid kennis ontwikkeld voor de lokale praktijk. Het gevaar is echter dat door de gedecentraliseerde aanpak andere gemeenten onvoldoende van die kennis profiteren. ‘Juist daarom is het initiatief van de VNG voor zo’n PraktijkVoorbeeldenParade belangrijk’, zegt Van Eijk. ‘Alle gemeenten zitten in hetzelfde schuitje. Dus we willen weten: hoe doe jij dat nou? Wat kan ik van jou leren?’

Wiel uitvinden

Voorheen werden volgens Van Eijk vaak de lokale verschillen benadrukt. ‘Dan hoorde je: ja maar wat in Rotterdam werkt, werkt niet in Houten. En dus werd overal het wiel opnieuw uitgevonden. Dat is er nu wel van af. Tegenwoordig is het veel meer: wat werkt bij jou, waarom werkt het bij jou en wat kan ik daar voor mijn gemeente van leren? Daar hoop ik dat veel gemeenten bij de PraktijkVoorbeeldenParade vertegenwoordigd zijn om onderling kennis en ervaringen uit te wisselen. Samen weten we meer. Samen leren we meer.’

Naar welke oplossingen ben jij nog op zoek? Onderzoek tijdens de PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein hoe ze elders zaken aanpakken.

De PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein vindt plaats op: 

  • maandag 24 september in de Van Nelle Fabriek in Rotterdam 
  • maandag 1 oktober in het Evoluon in Eindhoven
  • maandag 8 oktober in de Nieuwe Buitensociëteit in Zwolle

Meer informatie en aanmelden: www.praktijkvoorbeeldenparade.nl