Er zijn 5.000 tot 8.000 genetische ziekten. De helft komt al kort na de geboorte tot uiting en resulteert vaak in een opname op de neonatale intensive care (NICU). Een goede genetische diagnose is nodig voor het bepalen van het juiste medisch beleid. Het inzetten van een zogeheten spoedWES blijkt het diagnosetraject aanzienlijk te kunnen verkorten. Projectleider Lisenka Vissers, professor Translational Genomics bij het Radboudumc, vertelt over de razendsnelle ontwikkelingen rond genetische diagnostiek.

Portret Lisenka Vissers
Lisenka Vissers (Radboudumc)

Wat maakt snelle diagnostiek belangrijk?

‘Genetische spoeddiagnostiek is zowel relevant bij ongeborenen met echoscopische afwijkingen als bij pasgeborenen op de NICU. Zo’n snelle diagnose kan met een spoedtest op basis van een WES: whole exome sequencing. Daarmee lees je alle genen in één keer uit. Bij pasgeborenen kun je zo snel je behandelplan opstellen. En bij de zwangerschapssituatie is het relevant te weten of een kind wel of niet een genetische afwijking heeft. Is die er níét, dan kan dat voor ouders bijvoorbeeld aanleiding zijn een zwangerschap door te zetten. Een gevonden afwijking maakt beter geïnformeerde beslissingen mogelijk, tijdens de zwangerschap en direct na de geboorte. Overigens wordt van alle spoedWES-procedures inmiddels al een kwart bij volwassenen uitgevoerd. Bijvoorbeeld als een behandeling bij kanker mede afhangt van een bepaalde genetische afwijking. Zoiets wil je natuurlijk ook snel weten.’

Hoe zit het met nevenbevindingen?

‘Dat vraagstuk speelt niet alleen bij genetische diagnostiek. Stel: je gaat met kortademigheid naar de dokter en uit een scan blijkt ook een aneurysma. Wat doet die informatie met je? Ook een spoedWES kan toevalsbevindingen opleveren, en de vraag is hoe daarmee om te gaan. Wij hebben hierbij samengewerkt met de VSOP, de patiëntenkoepel voor zeldzame en genetische aandoeningen. Zij hebben met de beroepsverenigingen gewerkt aan gestandaardiseerde consentformulieren, zodat ouders een goed geïnformeerde keuze kunnen maken.’

'Ik verwacht dat we in 2025 waar nodig patiënten ook een spoedWGS kunnen aanbieden.’

Hoe staat het met de implementatie van de spoedWES?

‘Een WES was al langer mogelijk, maar neonatologen zetten die voorheen nog weinig in. Ze moesten immers snel beslissen en wilden niet wachten op genetische diagnostiek. Wij hebben de workflow zodanig aangepast dat het binnen twee weken kan. Ons onderzoek heeft aangetoond dat je zo kosteneffectief meer diagnoses kunt vinden. Dat helpt bij het nemen van klinische beslissingen. Als genetische informatie bijvoorbeeld laat zien dat een kind waarschijnlijk levenslang afhankelijk is van beademing, kies je dan wel voor die hartoperatie? Het is natuurlijk tragisch, maar zo bied je ouders wel een reëler perspectief. Hier in Nijmegen doen de klinisch genetici inmiddels regelmatig een NICU-rondje. Het overwegen van een spoedWES is vanzelfsprekend geworden. Het levert meer op en deze diagnostiek is per saldo niet duurder.’

Wat is de toekomst van whole genome sequencing (WGS)?

‘Met WGS kun je met één test alle genetische oorzaken opsporen. In ons onderzoek leidt deze aanpak niet tot veel meer bruikbare diagnoses. Met WGS kun je ook de varianten buiten de genen uitlezen, al weten we daarvan nog niet precies welke ziekteveroorzakend zijn, en waaróm. Ten opzichte van WES is de meeropbrengst van de duurdere WGS nu nog niet doelmatig. Maar het heeft wel de toekomst, vooral bij meer volume. Samen met Maastricht zijn we bezig om vijftien WES-workflows te vervangen door WGS. Ook hier gaan de ontwikkelingen razendsnel. Ik verwacht dat we in 2025 waar nodig patiënten ook een spoedWGS kunnen aanbieden.’

Wat is de verbinding met de ZonMw-projecten FAIR genomes en Intensive Genetics?

‘Als je een WES doet, moet je het DNA bewerken, maar dat kan op veel verschillende manieren. Als je gezamenlijk tot een eenduidige diagnostiek wil komen, heb je dus een gemeenschappelijke taal nodig. Om data te kunnen vergelijken, moeten ze findable en accessible zijn. In ons project liepen we er ook tegenaan dat centra vanwege de privacywet hun data niet durfden te delen, ondanks toestemming van de patiënt. Dat heeft ons onderzoek vertraagd. De beroepsverenigingen zijn aan zet om data FAIR te maken, en daarvoor zijn juridische en ethische kaders nodig. FAIR genomes heeft dat proces versneld. Het project Intensive Genetics liep met dezelfde patiëntengroep parallel aan het onze binnen het programma DoelmatigheidsOnderzoek. Op aangeven van ZonMw hebben we ze aan elkaar geknoopt.’

Wat zijn jullie belangrijkste geleerde lessen?

‘Een studietraject is altijd langer dan je van tevoren denkt. Maar wie er zelf in gelooft, haalt de eindstreep echt. Logistieke hobbels zijn oplosbaar, dus laat de inhoud leidend zijn. En voor ons onderzoeksveld: genetische testen worden duurder, dus zoek ook private partners. Dat hoeft geen belemmering te zijn voor je onafhankelijkheid, mits je er open over bent.’

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website