Interviewreeks

‘Er ontstaat een leercyclus’

Kennis voor gemeenten bij de transformatie jeugd Deel 1

foto zonmw jeugd

‘Er ontstaat een leercyclus’

Kennis voor gemeenten bij de transformatie jeugd Deel 1

Sinds 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor alle jeugdhulp. De regionale academische werkplaatsen jeugd kunnen gemeenten daarbij ondersteunen met kennis. Dat beaamt ook Mattias Gijsbertsen, wethouder Jeugd in Groningen: ‘Dankzij de kennis die zij ontwikkelen, kunnen wij onderbouwde keuzen maken.’

Gijsbertsen is vooral tevreden over de nauwe koppeling tussen wetenschap en praktijk. ‘Dat zie je ook bij C4Youth, onze regionale academische werkplaats jeugd. Er ontstaat een leercyclus. We kunnen nieuwe kennis direct in de praktijk brengen, onderzoeken hoe het werkt, daarvan leren en zo nodig ons werk aanpassen.’

Verwijsgedrag

C4Youth volgde tussen 2010 en 2014 in de provincie Groningen 2000 jongeren in hun pad door de jeugdhulpverlening. Gijsbertsen: ‘Wat ik opvallend vind is dat jongeren die via de huisarts de hulpverlening betreden anders worden verwezen dan jongeren die via de Bureau Jeugdzorg binnenkomen. Niet dat de één het beter doet dan de ander, maar het is raar dat mensen met dezelfde problemen naar verschillende  instanties worden verwezen. We zijn dat nu aan het rechttrekken.’

‘Het mooie is dat C4Youth onderzoek doet naar zaken waar wij mee bezig zijn’
Afbeelding jeugd


Effecten

‘Het mooie is dat C4Youth onderzoek doet naar zaken waar wij mee bezig zijn’, vervolgt Gijsbertsen. ‘Kijk naar ons preventiebeleid, een belangrijke pijler onder de transformatie jeugd. Met allerlei activiteiten willen we voorkomen dat jongeren in de problemen komen. Uit het werk van C4Youth 1.0 bleek dat in één jaar tijd 20% van de Groningse jongeren tot en met 23 jaar zorg krijgt. Dat is veel en daar willen we wat aan doen. Denk aan laagdrempelige huiskameropvang of vreedzame scholen. C4Youth 2.0 onderzoekt of dat ook echt zijn vruchten afwerpt.’

Toekomst

De stad Groningen draagt bij aan de middelen voor C4Youth 2.0, evenals een samenwerkingsverband van 23 Groningse gemeenten, praktijkorganisaties en de Hanzehogeschool. Gijsbertsen: ‘Wij hebben er tenslotte ook profijt van. Wat ik zou willen is dat we een tijdje na de transformatie eerder onderzoek herhalen om te kijken wat de effecten van ons beleid zijn.’

In het kort: C4Youth

De academische werkplaats jeugd C4Youth

In de provincie Groningen bestaat al langere tijd een stevige kennisinfrastructuur, mede door de aanwezigheid van de Rijksuniversiteit, UMCG, hogescholen en kennisinstituten. Sinds 2010 is deze infrastructuur versterkt met een academische werkplaats jeugd C4Youth die de effectiviteit in de jeugdketen onderzoekt. C4Youth heeft voor gemeenten in (en provincie) Groningen de rol van onafhankelijke partij die vanuit het oogpunt van kennis en kwaliteit, beleidsondersteunende informatie levert over de zorg voor jeugd. Het initiatief van de gemeenten en de praktijkorganisaties in Groningen en de academische werkplaats C4Youth om te komen tot een gezamenlijke onderzoeksagenda voor de provincie, past hier goed in.

Het onderzoek

C4Youth voerde in de periode 2010-2014 een langlopend onderzoek uit naar zorgpatronen en lange termijn uitkomsten van de hele keten van zorg voor jeugd: het TakeCare onderzoek. Uniek is dat ruim 2000 kinderen tussen 4 en 18 jaar die hulp kregen, drie jaar lang gevolgd zijn. Niet alleen jongeren zélf zijn onderzocht, maar ook hun ouders en hulpverleners. Daarnaast onderzocht C4Youth in opdracht van de provincie Groningen welke jeugdigen welke zorg voor welke problemen ontvangen (de 'foto'). Hoeveel Groningse kinderen en jongeren krijgen zorg vanwege gedragsmatige en emotionele problemen? Wat zijn hun problemen? Welke zorg krijgen ze? Aanleiding voor dit onderzoek is de transitie van de jeugdzorg.

Wat levert het op?

Uit het langlopende onderzoek blijkt dat verschillende factoren het verloop en het resultaat van het zorgtraject beïnvloeden. Het betreft onder andere de invloed van steun uit de omgeving, eerdere ervaringen bij het zoeken naar zorg en de communicatieve vaardigheden van de professional. De 'foto' van C4Youth leverde meer zicht op het aantal jeugdigen, waar ze in zorg zijn en hun overige kenmerken. Hieruit komt naar voren dat in één jaar ruim 20% van de jeugdigen tot en met 23 jaar zorg krijgt. Ook blijkt dat de problematiek van jeugdigen in de licht pedagogische hulpverlening vaak relatief ernstig is. In sommige gemeenten is het aantal jongeren dat zorg ontvangt, relatief hoog.

Hoe verder?

Gemeenten gebruiken de resultaten uit het onderzoek om het nieuwe jeugdstelsel goed in te richten. Met het ontwikkelde solide monitorsysteem kunnen na verloop van tijd de effecten van de transformatie zichtbaar worden gemaakt. Samen met de onderzoeksinformatie van de situatie vóór de transitie kan de vraag beantwoord worden of het nieuwe jeugdstelsel en de gewenste transformatie die daarbij hoort, daadwerkelijk leidt tot een verminderd beroep op de gespecialiseerde zorg, tot meer maatschappelijke participatie, betere kansen en meer veiligheid voor jeugdigen.

Meer weten?