Sinds de hervorming van de langdurige zorg en ondersteuning wordt er een beroep gedaan op de eigen regie van burgers, waaronder ouderen. Voor professionals worden zaken als wijkgericht samenwerken en het beter aansluiten op de vraag en mogelijkheden van de cliënt steeds belangrijker. Dit vraagt om andere competenties van zorgprofessionals. Het onlangs afgeronde project Professionaliseren in ZorginnovatieNetwerken legt de basis voor een integrale ondersteuning van zelfstandig wonende ouderen en hun sociale omgeving.

“Doordat zorg- en welzijnsprofessionals (in opleiding) en docenten met elkaar samenwerken rondom inhoudelijke onderwerpen als het ondersteunen van de eigen regie van ouderen, ontwikkelen zij een bredere blik, leren zij van en met elkaar en kunnen zij daarmee betere en geïntegreerde zorg verlenen. Zo is de gedachte achter dit project”, aldus projectleider en docent-onderzoeker bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid Bienke Janssen.

Bienke Janssen
Projectleider Bienke Janssen in gesprek

Tussen wal en schip

Bij de zorg voor ouderen zijn doorgaans diverse zorg- en welzijnsorganisaties betrokken. Janssen: “Je geeft als verschillende organisaties aan dezelfde cliënt zorg en ondersteuning, terwijl je niet altijd helder zicht hebt wat de ander doet. Een tweede uitdaging is dat ook onderwijs- en beroepspraktijk niet altijd even goed op elkaar aansluiten.” Cliënten dreigen volgens de projectleider daardoor tussen wal en schip te raken.

Samenwerken

Vanuit de programmalijn Kennisontwikkeling van het programma Langdurige Zorg en Ondersteuning (LZO) heeft ZonMw het project Professionaliseren in ZorginnovatieNetwerken (ProfZin) gefinancierd. De afgelopen twee jaar hebben verschillende onderwijs-, zorg- en welzijnsorganisaties in Brabant in leernetwerken samengewerkt om van elkaar te leren. Doel: innovaties in de beroepspraktijk ondersteunen die bijdragen aan het versterken van de (integrale) ouderenzorg in de wijk. Daarnaast zijn producten ontwikkeld die ingezet kunnen worden in het curriculum van het mbo- en hbo-onderwijs, zoals casussen en draaiboeken voor workshops.

Zorginnovatienetwerken

Een zorginnovatienetwerk is een fysieke plek in een zorgorganisatie waar onderwijsinstellingen en zorg- en welzijnsorganisaties de koppen bij elkaar steken om kennis rondom actuele en praktijkrelevante onderwerpen te delen. Janssen: “We kijken op maat naar uitdagingen die lokaal spelen. Het praktijkprobleem is leidend.” Zo wordt voor ieder leernetwerk een eigen activiteitenprogramma ontwikkeld met bijvoorbeeld masterclasses, intervisiebijeenkomsten of het uitvoeren van onderzoeksprojecten. Ook maakten zorg en welzijnsprofessionals in opleiding kennis met elkaars beroepspraktijk door de ander te ‘shadowen’ in zijn of haar werk. Eens in de zes weken kwam een kerngroep bij elkaar om de gezamenlijke wensen en activiteiten in kaart te brengen. Janssen: “Op een locatie speelde het welzijnsthema rouw en verliesverwerking een grote rol. Vanuit het onderwijs hebben we vooral gekeken hoe dit goed kan aansluiten bij Sociale Studies. Op een andere locatie speelde juist zelfredzaamheid een rol. Daarbij ging juist de aandacht naar het delen van kennis rondom het gebruik van hulpmiddelen zoals het aantrekken van een steunkous.”

Win-win

Fontys Hogeschool heeft in een convenant met de beroepspraktijk afgesproken dat zij een gegarandeerd aantal stagiaires levert. Bovendien is er per leernetwerk minstens een ‘bruggenbouwer’ aanwezig die specifiek tot taak heeft om mensen en deelnemende organisaties met elkaar te verbinden. “Een win-winsituatie. Zo delen we kennis tussen de participerende organisaties, terwijl de professionals in opleiding beroepservaring opdoen en tegelijkertijd de beroepspraktijk mee helpen innoveren.” Bovendien leren en innoveren de professionals in het leernetwerk en komen zowel mbo- als hbo-studenten met elkaar in contact. “En dat is belangrijk, want ook later in de beroepspraktijk gaan ze met elkaar samenwerken.”

Resultaten

Met het concept van de leernetwerken heeft Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid samen met haar partners veel kennis en ervaring opgedaan. Naast het opzetten van de gezamenlijke activiteiten zijn er ook producten ontwikkeld die in het onderwijs en/of de beroepspraktijk ingezet kunnen worden ter bevordering van de integrale zorg en ondersteuning voor zelfstandig wonende ouderen. Zo is een handleiding ontwikkeld om professionals met verschillende achtergronden met elkaar mee te laten lopen door middel van de methode shadowing, zijn levensverhalen van ouderen opgehaald die ingezet kunnen worden voor onderwijsdoeleinden, heeft een gesprekstool voor cliëntbesprekingen vorm gekregen en is het onderwijsaanbod naast echte zorgonderwerpen zoals het aantrekken van steunkousen door het project aantoonbaar verbreed met welzijnsonderwerpen als eenzaamheid, rouw- en verlies en ouderenmishandeling.

Volgende stap

Een volgende stap in de doorontwikkeling van dit vernieuwende leerconcept is het versterken van de samenwerking met zowel mbo-instellingen als met welzijnsorganisaties. Met de aan dit project toegekende subsidie hebben twee leernetwerken de mogelijkheid gekregen een extra impuls te geven aan die samenwerking. Ook wordt gewerkt aan verdere opschaling van het project, zodat meer studenten en medewerkers van de meewerkende organisaties betrokken worden.

ZonMw-programma Langdurige Zorg en Ondersteuning (LZO)

Met het programma Langdurige Zorg en Ondersteuning werkt ZonMw in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan een innovatieve en duurzame kennisbasis voor de langdurige zorg en ondersteuningssector. Met de programmalijn Kennisontwikkeling wordt (wetenschappelijke) kennis in de langdurige zorg en ondersteuning ontwikkeld en het verspreiden van deze kennis naar de zorg en ondersteuning gestimuleerd. Om de kwaliteit van zorg te bevorderen, wordt ingezet op een nauwe samenwerking tussen onderzoek, praktijk en onderwijs. Bij alle activiteiten van het programma staat het perspectief van de cliënt centraal.

Meer weten?

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website