Over een paar maanden is hij er: de richtlijn Zorg bij Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen (ADL). Sandra Zwakhalen en Svenja Cremer vertellen hoe deze nieuwe richtlijn tot stand kwam en wat deze oplevert voor zorgverleners en zorgvragers.

De laatste jaren is er veel aandacht voor essentiële zorg, waar ADL ook onder valt. Iedereen voert tenslotte ook dagelijks activiteiten als wassen, aankleden en eten uit, en soms is daar ondersteuning door verpleegkundigen en verzorgenden voor nodig. En toch bleek er weinig zicht te zijn op wat nou de beste manier is om in kaart te brengen hoe een zorgvrager op dat vlak functioneert en hoe je diegene hierin ondersteunt. Dit geldt zowel in de gehandicaptenzorg, verpleeghuiszorg, thuiszorg, revalidatiezorg en zorg in ziekenhuizen. Sandra, projectleider en hoogleraar Verplegingswetenschap bij Maastricht University, vertelt: ‘In de praktijk gaan veel verpleegkundigen en verzorgenden af op hun intuïtie of ze doen dingen zoals ze het ooit geleerd of gezien hebben bij collega’s. Een wetenschappelijke onderbouwing is er nauwelijks.’ Svenja, PhD-kandidaat bij Maastricht University en onderzoeker in dit project, vult aan: ‘Bovendien is het maar de vraag of bijvoorbeeld een was-protocol wel aansluit op de wensen van een zorgvrager.’

Portret Sandra Zwakhalen en Svenja Cremer
Sandra Zwakhalen en Svenja Cremer

Wereldcafé methode

En dus was het tijd voor het ontwikkelen van een richtlijn ADL. Met hulp van de wereldcafé methode gingen verpleegkundigen, verzorgenden, zorgvragers, mantelzorgers maar ook fysiotherapeuten en ergotherapeuten met elkaar in gesprek over zorg bij algemene dagelijkse verrichtingen. Ook zijn er studenten en medewerkers vanuit het onderwijs en de inspectie bij deze gesprekken aangesloten. Bij deze methode gaan 5 à 6 mensen letterlijk met elkaar om tafel en discussiëren 20 minuten over een vraag in verschillende rondes. Svenja: ‘Na zo’n ronde wisselt de samenstelling van de groep en borduren de deelnemers voort op ronde 1. Het mooie van deze methode is dat iedereen bij elke vraag aan bod komt en er mooie gesprekken ontstaan waar deelnemers elkaars perspectief aanvullen.’

5 uitgangsvragen

Na 2 van deze bijeenkomsten werden de problemen genoteerd en voorgelegd aan de werkgroep, bestaande uit wederom zorgvragers, zorgverleners uit allerlei verschillende disciplines, waaronder met name verpleegkundigen en verzorgenden, maar ook ergo- en fysiotherapeuten vanuit hun adviserende rol. Ook werden de uitkomsten gekoppeld aan literatuuronderzoek. Sandra: ‘Hierna hebben we de 5 belangrijkste uitgangsvragen opgesteld (zie kader onderaan) en zijn we aan de slag gegaan met het vinden van antwoorden daarop en de aanbevelingen voor de praktijk. Die hebben we vervolgens getoetst in de praktijk. Zijn ze bruikbaar?’

‘Door zorgvragers te betrekken zie je de verhalen achter de richtlijn.’

Uitdagingen

Tijdens het onderzoek bleek dat er slechts beperkte wetenschappelijke kennis is over ADL en dat de kennis die er is, de praktijk niet goed bereikt. Sandra: ‘Dat is natuurlijk bijzonder, want het zijn de handelingen die we het meest uitvoeren. Dat maakte het voor ons als richtlijnontwikkelaars best lastig. We moesten echt met elkaar uitvinden hoe we dingen doen en waarom. Zo was er bijvoorbeeld wel onderzoek over gezamenlijke besluitvorming, maar niet specifiek toegepast op ADL; dus welke kleding wil een cliënt aan, wordt er gedoucht vandaag, wat kan een cliënt nog zelf doen? Dat hebben we moeten vertalen naar de ADL-zorg, samen met de werkgroep en hun achterban. ‘Het was heel goed om ook de zorgvragers in de werkgroep te hebben’, gaat Svenja verder. Die hebben ons scherp gehouden. Je hebt elkaar nodig, anders sla je de plank mis.’ Sandra is het daar mee eens: ‘Door de verhalen van cliënten zie je de verhalen achter de richtlijn en voel je de relevantie.’

Wat levert het op in de praktijk?

Sandra en Svenja verwachten dat de richtlijn veel gaat opleveren in de praktijk. Svenja: ‘Het opent het gesprek tussen verpleegkundigen en verzorgenden: waarom doen we de dingen zoals we ze doen? Kunnen we de ADL-zorg verbeteren? Zo’n gesprek biedt kansen om de ADL-zorg sterker te onderbouwen. Bijvoorbeeld door uitgebreider naar de zorgvrager en zijn algemene dagelijkse levensverrichtingen te kijken, meetinstrumenten in te zetten of samen met de zorgvrager gerichte ADL-doelen te stellen. Zorgverleners die de richtlijn in de praktijk hebben getest geven aan dat het een ‘boost’ geeft aan de ADL-zorg die zij leveren.’ Sandra vult aan: ‘Een van de kernaanbevelingen uit ons onderzoek is bovendien om de mantelzorger beter te betrekken. De mantelzorger is immers ook veelal bezig met aankleden, wassen en het eten verzorgen.’

Voor de zorgvrager betekent deze nieuwe richtlijn dat de ADL-zorg zo goed mogelijk aansluit op de eigen wensen en behoeftes. Svenja: ‘En dat kan dus ook betekenen dat de richtlijn in sommige gevallen juist niet wordt gevolgd. Stel het is goed voor iemand om zichzelf nog te wassen, want dan worden de spieren getraind. Maar de cliënt geeft aan dat er dan geen energie meer over is voor het bezoek van de kleinkinderen. Dan kun je als zorgverlener samen met de zorgvrager beslissen om de zorgvrager toch te wassen. Je gaat dus echt in gesprek met elkaar, op basis van gelijkwaardigheid. Zo geef je iemand de beste zorg.’

Samenvattingskaarten

Uiteindelijk is alle kennis nu gebundeld in een lijvig document van meer dan 150 pagina’s dat richting de zomer definitief is. Svenja: ‘We verwachten niet dat elke verpleegkundige en verzorgende dat hele document gaat doorspitten. We hebben dus samenvattingskaarten nodig, een soort infographic met daarop de belangrijkste aanbevelingen.’

Tips

  • Luister goed naar alle betrokkenen en betrek ook hun achterban.
  • Geef duidelijk aan wat je van betrokkenen verwacht.
  • Baken goed af en beperk je tot slechts een aantal kernvragen. Vragen die niet in de richtlijn passen, kun je bijvoorbeeld in een vervolgonderzoek meenemen.

De 5 uitgangsvragen

  1. Hoe kan de zorgvrager in de ADL-zorg betrokken worden in het stellen van doelen, het maken van zorgafspraken en in de uitvoering van ADL-zorg?
  2. Hoe breng je de ADL-zorgvraag in kaart en welke valide en betrouwbare instrumenten zijn hiervoor beschikbaar?
  3. Welke interventies kunnen effectief bijdragen aan het vergroten van ADL-zelfstandigheid en comfort?
  4. Hoe kunnen mantelzorgers bij de ADL-zorg ondersteund worden?
  5. Hoe kan ADL-zorg worden ingezet voor het signaleren van mogelijke gezondheidsproblemen?

Programma Ontwikkeling Kwaliteitsstandaarden V&V

Met onze programma’s Ontwikkeling Kwaliteitsstandaarden V&V stimuleren we de ontwikkeling, implementatie, evaluatie en (tijdige) aanpassing van kwaliteitsstandaarden voor verpleegkundigen en verzorgenden. Daarnaast stimuleren we het leren en verbeteren in de praktijk aan de hand van kwaliteitsstandaarden. Daarmee willen we bijdragen aan nog betere patiëntenzorg en patiënten welzijn en aan het terugdringen van ongewenste praktijkvariatie. Kijk voor meer informatie op:

Redactie Kim Nelissen (KimTikt), eindredactie ZonMw

Meer informatie

Relevante links

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website