Zorgverleners leren het meest als ze ook de kennis van patiënten gebruiken, vinden initiatiefnemers van LeerSaam Noord. Een patiëntvertegenwoordiger, een regieverpleegkundige en een onderzoeker vertellen over de ervaringen met dit project.

Hanneke Kool kent de zorg van alle kanten. In 1999 kreeg ze de diagnose myasthenia gravis (MG, een spierziekte), in 2000 volgde de diagnose MS en in 2013 kreeg ze te maken met borstkanker. Daarvoor werkte ze zelf jarenlang als verpleegkundige en afdelingshoofd. Kool is één van de patiëntvertegenwoordigers die in het project 'LeerSaam Noord' verpleegkundigen en verzorgenden ondersteunen bij het reflecteren op de zorg.

‘Ik heb zelf gemerkt dat sommige zorgverleners patiënten onvoldoende betrekken bij te maken keuzes.'

'Heel fijn dus dat er een project is dat zorg persoonsgerichter wil maken. En dat we verpleegkundigen en verzorgenden kunnen helpen beter te luisteren naar patiënten’, zegt Kool.

Action learning

Kern van LeerSaam Noord zijn leernetwerken: 5 op locaties van diverse zorginstellingen in Friesland en Groningen en een onderzoeksleernetwerk waarin de ervaringen uit de 5 lokale netwerken besproken worden. In de 5 leernetwerken participeren verpleegkundig specialisten, verpleegkundigen en verzorgenden en stuurt een vaste facilitator de gesprekken. Groepsleden bespreken casussen aan de hand van de methodiek Action learning. Een ‘inbrenger’ deelt een casus en de andere groepsleden stellen vragen om te helpen zijn of haar gedrag te analyseren. De facilitator creëert een veilig klimaat zodat iedereen gestimuleerd wordt door te vragen en bewaakt het proces. Doel is dat een bespreking leidt tot afspraken waar zorgverleners eigen regie mee kunnen stimuleren. Studenten houden bij wat zij zien gebeuren en de bijeenkomsten worden op video opgenomen. In het onderzoeksleernetwerk evalueren de facilitators samen met patiëntvertegenwoordigers en studenten de effectiviteit van de leernetwerken.

Groepsfoto van de projectbetrokkenen tijdens de Kick Off van het project in september 2019
Kick Off van het project in september 2019

Ervaringen patiënt en verpleegkundige

Voor Kool bevestigen de leernetwerken dat sommige zorgverleners schroom hebben van regels af te wijken, ook als dat mogelijk wel beter is voor de patiënt. ‘Sommigen zoeken zekerheid in regels, dat merk je doordat ze sterk benadrukken dat hun keuze gebaseerd is op het protocol.’ Regieverpleegkundige Alida Talen, werkzaam in het UMCG Centrum voor Revalidatie en een van de vaste facilitators, herkent dit. ‘Een voorbeeld is het gebruik van een tillift. Ook als volgens het zorgplan een patiënt een tillift nodig heeft, is het bij een transfer belangrijk te vragen wat de patiënt hiervan vindt. Misschien vindt diegene de tillift wel een heel vervelend vooruitzicht. Dan kun je vragen wat jij kunt doen om de transfer minder beangstigend te maken.’

Het is als facilitator aan Talen om het gedachtegoed van de patiëntvertegenwoordigers over te brengen op haar collega’s. Ze merkt dat de inbreng van patiëntvertegenwoordigers stimuleert alerter te zijn op hoe patiënten te bejegenen.

‘De patiëntvertegenwoordigers brengen punten in waar je als zorgverlener minder snel bij stilstaat. Zoals hoe verwarrend het voor patiënten is als de ene verpleegkundige zegt dat ze iets wel mogen en een ander dat het niet mag.'

'Soms kan daar natuurlijk door het verloop van de revalidatie een goede reden voor zijn. Maar zoveel mogelijk eenduidig handelen is wel heel belangrijk en afwijkingen van gemaakte afspraken met patiënten moet je duidelijk uitleggen. Daar ben ik me door de gesprekken in het leernetwerk meer bewust van geworden.’

Opbouwende sfeer creëren

Dat zorgverleners leren van elkaar en van de patiëntvertegenwoordigers komt volgens onderzoeker van het project Heleen Reinders (NHL Stenden Hogeschool) mede door de positieve manier van bevragen. Ze geeft een voorbeeld. ‘Een patiënt die last van haar rug had, wilde in het ziekenhuis op een stoel slapen, dat deed ze thuis ook. De verpleegkundige raadde dit vanwege de veiligheid af en die patiënt is vervolgens toch gevallen. Onbekend is hoe dat precies gekomen is, maar de verpleegkundige zat er wel mee in haar maag en wilde weten hoe ze de situatie anders had kunnen aanpakken. De patiëntvertegenwoordigers benadrukten hoeveel begrip ze hadden voor het handelen van de verpleegkundige. Daarnaast adviseerden ze om de eigen ervaring ook nog eens naast de protocollen van de organisatie en de literatuur te leggen en zo te reflecteren op wat ze een volgende keer wellicht anders zou kunnen doen. Alleen met zo’n opbouwende sfeer worden lessen uit verschillende kennisbronnen ook in de praktijk gebracht.’

Zorgvuldig evalueren

Het in de leernetwerken gestructureerd volgen van de methodiek Action learning lijkt ook bevorderlijk voor de effectiviteit, zegt Reinders. ‘De studenten die aanwezig zijn bij de leernetwerken concluderen dat stapsgewijs werken volgens Action learning leidt tot duidelijkere afspraken tussen de groepsleden.’ Een dergelijk onderzoeksresultaat meteen doorgeven aan alle leernetwerken is ook belangrijk, zegt Reinders. ‘Dankzij de facilitators en de patiëntvertegenwoordigers kunnen we zorgvuldig evalueren. Iemand die zelf al jarenlang patiënt is, stelt andere vragen over casussen dan een verpleegkundige. Bij de casus over valpreventie werd opgemerkt dat zorgverleners de verantwoordelijkheid van patiënten soms best wat meer mogen benadrukken. Een zorgverlener is daar misschien terughoudend in, maar leert nu dat meerdere ervaren patiënten vinden dat dit duidelijkheid schept.’

Omdat zorgverleners in de langdurige zorg vaak een langere relatie hebben met een patiënt, zou het kunnen dat zij persoonsgerichter communiceren dan in het ziekenhuis gebeurt.

Maar die stelling moet eerst nog goed onderbouwd worden, benadrukt Reinders.

COVID-19

Vanwege COVID-19 zijn de leernetwerken tijdelijk niet georganiseerd maar de hoop is dat ze binnenkort weer elke maand kunnen plaatsvinden, zegt Reinders. ‘De bedoeling is dat bij de lokale leernetwerken ook patiënten gaan aanschuiven. Een masterstudent gaat de ervaringen uitgebreider analyseren voor een onderzoek naar gezamenlijke besluitvorming.’

Achtergrond

ZonMw werkt samen met Zorginstituut Nederland aan onderzoek naar en de ontwikkeling van instrumenten om de kwaliteit van zorg te verbeteren. Het gaat zowel om brede overzichtsstudies als om thematische verdiepingen rond bepaalde actuele (maatschappelijke) thema’s. Eén van die thema’s is (interprofessioneel) leren en verbeteren door zorgprofessionals in verschillende sectoren in de gezondheidszorg. Zoals verpleeghuiszorg, wijkverpleging, verpleging in het ziekenhuis, intensive care en integrale geboortezorg. In 13 projecten wordt gewerkt aan methodiekontwikkeling en onderzoek.

Op 18 maart 2020 zouden deze projecten voor het eerst bij elkaar komen om kennis te delen. Omdat deze bijeenkomst door maatregelen rondom het coronavirus (COVID-19) is uitgesteld, hebben we besloten om de kennis die verzameld is tijdens de voorbereidingen alvast te delen via een interviewreeks. Dit artikel is het derde interview in de serie.

Redactie Jeroen Wapenaar, Eindredactie ZonMw

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website