Irene Muller-Schoof ontwikkelde, in nauwe samenwerking met onderwijs en praktijk, scholing voor verpleegkundigen en verzorgenden. Doel: het overbruggen van de kloof tussen wetenschap en praktijk, een beter leerklimaat en een betere en meer mensgerichte verpleeghuiszorg.

Ooit had Irene Muller-Schoof een bedrijf dat onderwijsmateriaal ontwikkelde voor de bij- en nascholing van helpenden en verzorgenden. Daarin kwamen actuele thema’s aan de orde, zoals communicatie met cliënten en omgaan met seksualiteit. Het bedrijf voorzag in een behoefte, want er bestond nauwelijks materiaal voor deze doelgroep.

 

Inmiddels is zij promovendus bij de Academische Werkplaats Ouderen, Tranzo/Tilburg University, waarbij ze het ZonMw-project ‘Op weg naar mensgerichte verpleeghuiszorg: scholing als brug tussen wetenschap en praktijk’ uitvoert.

Met dit project moet het leerklimaat van verpleegkundigen en verzorgenden in het verpleeghuis worden verbeterd, zodat wetenschappelijke inzichten hier makkelijker een plek vinden.

‘Daarmee sluiten we enerzijds aan bij de ambitie van de Academische Werkplaats Ouderen van Tranzo, waarin verbetering van mensgerichte zorg in samenwerking met zorgpraktijk en zorgonderwijs centraal staat, en anderzijds bij het landelijk Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg ’, zegt Muller-Schoof.

Weinig onderzoek naar leergedrag mbo-zorgmedewerkers

In Nederland is 80% van de zorgmedewerkers in de verpleeghuiszorg mbo-geschoold. Om het onderzoek grondig aan te pakken, startte ze een systematisch literatuuronderzoek met 2 vragen: hoe leren mbo-opgeleide zorgmedewerkers en wat helpt en belemmert hen daarbij? De internationale diversiteit van de practically trained caregivers maakte het lastig om onderzoeken te vergelijken. Zo zijn de Nederlandse mbo-geschoolde verpleegkundigen uitzonderlijk; in het buitenland zijn die bijna altijd hbo-geschoold. Uit de analyse bleek dat er wereldwijd geen specifiek onderzoek is gedaan naar het leergedrag van deze groep mbo-opgeleide zorgmedewerkers (assistenten dienstverlening en zorg, helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen), ook niet in Nederland. ‘Er is duidelijk te weinig aandacht voor deze groep’, concludeert Muller-Schoof.

Vervolgens inventariseerde ze in de breder opgezette onderzoeken, waar zorgmedewerkers van meerdere niveaus aan deelnamen,   de helpende en belemmerende factoren bij het leren. Daar kwamen maar liefst 161 factoren uit.

‘Voor zorgmedewerkers is een combinatie van individueel en collectief leren belangrijk.’

‘Als individuele zorgmedewerker ben je mede afhankelijk van collectieve zaken. Wordt er wel tijd vrij gemaakt zodat jij kunt leren? Je wilt tenslotte niet zomaar je collega’s op de werkvloer in de steek laten. Daarnaast kun je de belemmerende en helpende factoren niet los van elkaar zien. Als je als nieuweling een sterfgeval op de afdeling meemaakt en er is geen collega om je te helpen, is iets wat anders misschien een goede leerervaring zou zijn, nu een slechte leerervaring.’

Leren van lastige situaties

Als de omgeving té uitdagend is, kan leren op de werkplek soms dus ook contraproductief uitpakken. Omdat de werkstress te hoog is door onderbezetting, of omdat de zorgmedewerkers te weinig scholing hebben gekregen. In zo’n geval is het van belang dat teamleiders of onderwijsontwikkelaars proberen het werk zó in te richten, dat er toch ruimte is om te leren. ‘Denk aan een debriefing, waarbij na afloop op de spannende situatie gereflecteerd wordt. Bijvoorbeeld als naasten in paniek zijn geraakt over een lekkage bij incontinentie van een familielid. In de nabespreking kun je samen bespreken hoe het voor de zorgmedewerker was en hoe je in zo’n situatie kunt luisteren en meebewegen.’ Tegelijkertijd kunnen lastige situaties volgens haar ook positief bijdragen aan het leren. ‘De reden dat aankomend verpleegkundigen en verzorgenden voor de zorg gekozen hebben, is vaak dat ze het lijden van andere mensen willen verlichten. Ze willen leren hoe ze dat in zo’n uitdagende situatie kunnen doen.’

Meer aandacht voor informeel leren

Muller-Schoof formuleerde aanbevelingen voor een beter leerklimaat op de werkvloer. Vaak zijn onderwijsontwikkelaars en werkgevers teveel gericht op de theorie, terwijl zorgmedewerkers het liefst informeel en op ongeplande momenten op de werkplek leren. ‘Zet minder lessen op buiten de werkplek - die door managers bedacht zijn - en doe meer met het eigen initiatief van verzorgenden en verpleegkundigen. We zouden hen veel meer bij hun eigen leerproces kunnen betrekken.’ Een andere aanbeveling is het leveren van maatwerk: stem het aanbod af op de ervaring die de zorgmedewerker al heeft opgedaan. Een maatje of coach kan daarbij helpen.

Zorg Innovatie Centra zorgen voor goed leerklimaat

In de praktijk zijn gelukkig al goede voorbeelden te zien van plekken met een goed leerklimaat. Denk bijvoorbeeld aan de Zorg Innovatie Centra (ZIC) in verpleeghuizen: leerafdelingen waar zorgmedewerkers en studenten dagelijks beslissen wat zij willen leren en waar individueel en collectief leren gecombineerd worden. Muller-Schoof ziet dat als een mooi systeem voor leren en ontwikkelen. 'Bij bijvoorbeeld De Wever, Thebe en Mijzo werken ze daar al mee, in samenwerking met Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid. Maar je kunt ook denken aan zoiets simpels als leren op de werkplek, waarbij je werkt met een begeleider of rolmodel. Uit mijn onderzoek blijkt dat dat een heel krachtige manier is om kennis op te doen.’

Lesprogramma’s met focus op maatwerk en interprofessioneel leren

De volgende stap in het project is het ontwikkelen en uittesten van 2 lesprogramma’s voor verpleegkundigen en verzorgenden op basis van eerder afgerond wetenschappelijk onderzoek naar de thema’s ‘Interprofessioneel leren & evalueren’ en ‘Vertel eens! Leren van verhalen’. Daarin werkt Muller-Schoof intensief samen met onderwijs- en zorgorganisaties in de regio en paste ze de kennis uit haar eerste onderzoek toe, zoals het mogelijk maken van maatwerk en het aansluiten op de verschillende leerniveaus van zorgmedewerkers. Interprofessioneel leren is belangrijk, zegt ze. ‘We weten dat er veel kennis gedeeld wordt in interdisciplinaire situaties. Het zou zonde zijn om die kennis van zorgmedewerkers te laten liggen.’

Als onderdeel van de lesprogramma’s ontwikkelde ze samen met experts in het hele land een ‘zelfscan mensgerichte verpleeghuiszorg’ die zorgmedewerkers inzicht biedt in hoe goed zij mensgerichte zorg verlenen. ‘Het instrument helpt studenten, verpleegkundigen en verzorgenden bij het verder ontwikkelen van onderdelen van mensgerichte verpleeghuiszorg, zoals het leren kennen van bewoners, zelfkennis, omgaan met feedback en het bewaken van hun grenzen. Aan de hand hiervan willen we kijken hoe goed de lesprogramma’s bijdragen aan mensgerichte zorg.’

Niet vóór maar mét mbo-zorgmedewerkers

Muller-Schoof is druk bezig om de resultaten van haar onderzoek onder de aandacht te brengen van het werkveld. Ze benaderde het tijdschrift Onderwijs & Gezondheidszorg en de MBO Raad, maar ook onderwijsontwikkelaars en verpleeghuisorganisaties in haar regio. Muller-Schoof: ‘Ik kom veel enthousiasme tegen en vooral een enorm gevoel van erkenning van deze beroepsgroepen. Dat is een grote stimulans om door te gaan.’ Wat zou ze, terugkijkend, als ontwikkelaar van onderwijsmateriaal anders doen dan vroeger? ‘We waren al op de goede weg met de actuele thema’s die we kozen. Maar ik zou verpleegkundigen en verzorgenden nu veel eerder betrekken, en vragen: over welke thema’s willen jullie zelf leren?’

Tips voor een beter leerklimaat

  1. Stimuleer zorgmedewerkers in het verpleeghuis om zoveel mogelijk hun leerbehoeften aan te geven, bijvoorbeeld door hen regelmatig te vragen wat zij nodig hebben. Maak maatwerk mogelijk op de werkplek en stem eventuele lessen altijd af op de behoeften die leven, zodat een keuzemenu of leerarrangement ontstaat.
  2. Faciliteer het leren op de werkplek fysiek en logistiek. Zorg dat iemand die zich terugtrekt om te leren of overleggen  zich niet schuldig voelt, bijvoorbeeld door goed te roosteren.
  3. Creëer een cultuur waarin leren wordt gestimuleerd. ‘Je ziet gelukkig dat het zorgonderwijs steeds meer de verpleeghuizen intrekt, zoals met de opkomst van lecturer practitioners, verpleegkundigen met een masteropleiding, vanuit het hbo-onderwijs en de practoren vanuit het mbo-onderwijs.’
  4. Zet vooral in op leren op de werkplek, want dat is de plek waar het moet gebeuren. Nodig docenten vanuit het zorgonderwijs op de werkplek uit.

Achtergrond

ZonMw werkt samen met Zorginstituut Nederland aan onderzoek naar en de ontwikkeling van instrumenten om de kwaliteit van zorg te verbeteren. Het gaat zowel om brede overzichtsstudies als om thematische verdiepingen rond bepaalde actuele (maatschappelijke) thema’s. Eén van die thema’s is (interprofessioneel) leren en verbeteren door zorgprofessionals in verschillende sectoren in de gezondheidszorg. Zoals verpleeghuiszorg, wijkverpleging, verpleging in het ziekenhuis, intensive care en integrale geboortezorg. In 13 projecten wordt gewerkt aan methodiekontwikkeling en onderzoek. Dit project is daar 1 van.

Redactie Annette Wiesman, eindredactie ZonMw

Meer informatie

Op de hoogte blijven?

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website