Digitale handreiking november 2015

Lokale integrale aanpak voor gezondheid

Politiek bestuurlijk draagvlak

Lokale integrale aanpak voor gezondheid

Politiek bestuurlijk draagvlak

Hans Baaijens: ‘Het is bekend dat er een geweldige operatie in gang is gezet om de 3 decentralisaties in de AWBZ, de Jeugdzorg en de Participatiewet in goede banen te leiden. Het biedt een unieke kans een wezenlijke slag te maken in het borgen en verbeteren van de vitaliteit van de Nederlandse bevolking.’

‘Het is belangrijk dat het lokale politieke bestuur zich richt op de infrastructuur die op lokaal niveau nodig is om van nazorg tot voorzorg te komen.’ (Hans Baaijens)

‘De zorg is dat gemeenten dit momentum nu echter niet gebruiken om tot een daadwerkelijke omslag van nazorg naar voorzorg (preventie) te komen. 

Een ander aspect is dat de nu nog verticaal georganiseerde gezondheidszorg niet aansluit bij de zelforganiserende burger die horizontaal via de eigen netwerken en kennisinfrastructuur zijn of haar weg naar gezondheid en in de gezondheidszorg zoekt.’

Taken en werkzaamheden

‘Voor het kunnen overtuigen van het ambtelijke apparaat, de wethouder(s) en het college is het belangrijk de lokale bestuurscultuur te kennen.’

‘Is er sprake van een collegiaal bestuur of heeft met name de Burgemeester, de Wethouder(s) of de Secretaris het grootste aandeel in het bestuur?’ (Hans Baaijens)

Creëer commitment bij de betrokken wethouder(s) 

  1. Sluit aan bij de drijfveren en behoeftes van de wethouder(s): waar wil de wethouder mee ‘scoren’? Een wethouder kan pas anderen overtuigen als hij/zij zelf passie heeft voor de initiatieven en ook zelf de meerwaarde ziet. 
  2. Voer een krachtenveldanalyse uit
  3. Zoek een goede en bevlogen ambassadeur die een korte lijn heeft met de wethouder. Deze ambassadeur kan de wethouder betrekken bij en overtuigen van initiatieven.

Agendasetting/ agendering binnen het college van Burgemeester en Wethouders en de Raad

Haak aan bij belangrijke politieke- en bestuurlijk thema’s en initiatieven (veiligheid, integratie, armoede, participatie of de herinrichting van een wijk bijvoorbeeld). Let daarbij op de timing. Sluit aan bij de momenten van besluitvorming van gemeenteraad en B en W. Bijvoorbeeld in de periode dat de begroting besproken wordt, is er brede politiek-bestuurlijke aandacht voor inhoudelijke thema’s, beleidskeuzes en de verdeling van budgetten.

Bevorder de afstemming van het gezondheidsbeleid met sectoren op verschillende niveaus in de gemeente (college, de raad, de raadscommissies en het management)

Bespreek en leg vast hoe er bij beleidskeuzes op de verschillende beleidsterreinen rekening gehouden kan worden met effecten op de volksgezondheid. Zoek de win-win.

Stel een situatieschets op als bagage voor de bestuurlijk verantwoordelijke 

  1. Motiveer projectleden voor het aanleveren van informatie voor de situatieschets 
  2. Laat zien waar de gezondheidsproblemen in de gemeente zitten, wat dit voor gevolgen heeft voor burgers en wat eventuele maatschappelijke effecten zijn. Cijfers, voorbeelden en ervaringen uit de praktijk van betrokken partijen zijn hiervoor bruikbaar.
  3. Geef toepasbare oplossingsrichting(en) aan.
  4. Formuleer sector-overstijgende (gezondheid)doelen die vastgesteld moeten worden door de raad en onderdeel moeten worden van het collegeprogramma. Laat daarmee de meerwaarde van gezondheid zien voor de verschillende sectoren

Behoud commitment bij de betrokken bestuurders 

  1. Laat tijdens de uitvoering van het beleid regelmatig de concrete resultaten zien aan de wethouder(s), B en W en de gemeenteraad. Hiermee houdt u het onder de aandacht en creëert u tussendoor momenten om bestuurders te enthousiasmeren en betrokken te laten raken of te houden. 
  2. Sluit zoveel mogelijk aan bij de actualiteit en de punten die het meeste aandacht krijgen in de gemeente. 
  3. Gebruik communicatiemiddelen die opvallen, snel de boodschap weergeven en verbeeldend zijn (zoals filmpjes of tekeningen). 

Politieke bestuur motiveren met resultaten

Integraal lokaal gezondheidsbeleid vergt niet alleen draagvlak bij lokale partners. Ook politiek-bestuurlijke commitment is essentieel. Allereerst is er een politiek besluit nodig om een project te starten. Zeker in tijden van bezuinigingen is de vraag relevant hoe je het lokale bestuur en de plaatselijke politiek blijvend weet te motiveren voor gezondheidsbeleid. Je moet meetbare resultaten kunnen laten zien, waarmee ook op korte termijn verbeteringen aantoonbaar zijn. 

Ken en gebruik de politieke beïnvloedingsmomenten

Voor ambtenaren zijn er vaak meer momenten voor beïnvloeding van het politieke bestuur, dan zo op het eerste gezicht wordt gedacht. Het gaat om een politiek strategische benadering. Hierbij vindt u een overzicht met tien potentiële beïnvloedingsmomenten, gegeven door Hans Baaijens. 

Bronnen

Bronnen - voor gezondheid

Hans Baaijens: ‘Om de kneepjes van het creëren van politiek bestuurlijk draagvlak onder de knie te krijgen is het niet alleen belangrijk je in te lezen in het onderwerp, maar ook om het een en ander uit te proberen en te ervaren in een stage of in een rollenspel.’

‘De formule E = K x A: de effectiviteit (E) van het handelen is afhankelijk van de kwaliteit (K), maar vooral ook van de acceptatie (A) - dus draagvlak - ervan.’

‘Deze formule maakt duidelijk dat het niet alleen om kennis en de kwaliteit daarvan gaat maar ook en vooral om de acceptatie daarvan: dat is de essentie van “publieke” gezondheid.’ (Hans Baaijens)

Proefschriften

'De effectiviteit van overheidsbeleid op het gebied van publieke gezondheid; met name op het gebied van overgewicht, voeding en bewegen'. Sjaak de Gouw (2012). Het proefschrift gaat in op de overheid die te veel versnipperde maatregelen neemt die op zichzelf weinig effectief zijn, terwijl een integrale aanpak ontbreekt. De oplossing zit in een langjarig integraal beleid en een goede uitvoering waaraan diverse partijen zoals scholen, overheid, sportverenigingen, horeca, buurtwerk en detailhandel meewerken.

Proefschrif Sjaak de Gouw

Proefschriften (2)

‘The Politics of Healthy Policies; Redesigning health impact assessment to integrate health in public policy’ (‘De politiek van integraal gezondheidsbeleid Een heroriëntatie op het instrument Gezondheidseffectschatting om gezondheid te integreren in het overheidsbeleid). Marleen Bekker (2007). De onzekerheid en zorgen van beleidsmakers en academici over de effectiviteit van het instrument vormen de aanleiding om de relatie tussen GES en het beleid vanuit een beleidsmatig perspectief te onderzoeken. De onderzoeksdoelen zijn gericht op het verduidelijken van de functies van Gezondheidseffectschatting vanuit beleidsmatig perspectief, de geschiktheid van de huidige opzet en aanpak van GES in de praktijk, en het aanleveren van ontwerpsuggesties voor verbetering.De centrale vraag is dan ook een conceptuele en empirische vraag: wat is de rol van Gezondheidseffectschatting bij de integratie van gezondheid in beleid?

Boek

‘Sturing van lokaal gezondheidsbeleid: de verknoping van gescheiden netwerken’, hoofdstuk voor: Handboek Sociale Sector, oktober 2003, Drs. Marleen Bekker (EUR) en dr. Kim Putters (UvT).

 

 

Artikelen

‘Lokaal integraal gezondheidsbeleid: effecten van beleidsondersteuning op de ontwikkeling van gemeentelijke intersectorale samenwerking’; Mieke Steenbakkers, Maria Jansen, Hans Maarse, Nanne de Vries; tsg jaargang 90 / 2012, nummer 3 - pagina 184-192.

‘Gemeentelijke intersectorale samenwerking stimuleren: lokale begeleiding bij het ontwikkelen van integraal gezondheidsbeleid’. Mieke Steenbakkers, Maria Jansen, Bert Hesdahl, Joop ten Dam, Hans Maarse, Nanne de Vries. tsg jaargang 89, 2011 nummer 5 - pagina 266-273. 

Artikelen (2)

‘Sturing op integraal gezondheidsbeleid: de rol van het gemeentelijke management’. Mieke Steenbakkers, Maria Jansen, Hans Maarse, Nanne de Vries. tsg jaargang 90, 2012 nummer 2 - pagina 89-96.

‘De gemeente als partner in de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid: van toeschouwer naar stakeholder’. Maria Jansen, Ien van de Goor. tsg jaargang 86, 2008 nummer 6 - pagina 321-327.

‘Gezond Beleid’; Joop ten Dam; tsg jaargang 88, 2010 nummer 5; p228-231

Artikelen (3)

‘Effectieve intersectorale governance voor gezondheid: een praktijkgerichte terreinverkenning’, Wendy Reijmerink, Beleidsonderzoek Online februari 2014, DOI: 10.5553/Beleidsonderzoek.000036

De verkenning is geschreven voor de landelijke beleidspraktijk, vanuit het perspectief van nationale beleidsambtenaren als potentiële dragers van intersectorale governance. In het licht van de bestuurlijke kernopdracht voor de komende jaren, werken aan een goede gezondheid, wordt aandacht besteed aan het belang van integrale beleidsvoering op centraal niveau en de hardnekkigheid waarmee het actief inzetten ervan uitblijft. Een focus op beleidsambtenaren als dragers van intersectorale governance biedt interessante mogelijkheden om uit die impasse te komen. Zeker als zij daarbij adequaat worden ondersteund door relevant onderzoek.

 

 

Artikelen (4)

'Naar een integrale aanpak van gezondheidsachterstanden. Een beschrijving van beleidsmaatregelen binnen en buiten de volksgezondheidssector'. C.T.M. Schrijvers, I. Strom. RIVM-Rapport 270171001/2009

RIVM rapport 'Naar een integrale aanpak van gezondheidsachterstanden'

Kennisdossiers

Kennisdossier ‘Draagvlak’ uit de Handreiking Gezonde Gemeente, met tips voor: Aandacht voor bestuurlijk draagvlak

Om problematiek op de agenda te krijgen en te zorgen voor een (integrale) aanpak, is bestuurlijk draagvlak nodig. In het geval van preventie is ook bestuurlijk draagvlak nodig voor samenwerking tussen beleidsterreinen en het investeren in gezondheid op de langere termijn. Structurele aandacht voor gezondheid is essentieel. Inzet is nodig om succesvolle activiteiten en interventies te kunnen continueren (borgen). 

Bestuurlijk draagvlak voor Gezonde Wijkaanpak

Bestuurlijk draagvlak bij de gemeente is een belangrijke voorwaarde voor het slagen van wijkgerichte gezondheidsbevordering. Commitment van het bestuur en raad voor een gezonde wijk kan partners in de wijk activeren mee te werken. 

 

Kennisdossiers (2)

Creëren van draagvlak

Partners kunnen verschillend betrokken zijn bij het maken van gezondheidsbeleid of de uitvoering ervan in de gemeente of wijk. Het is daarbij belangrijk partners vroegtijdig te betrekken; nog voordat alles in detail vaststaat. Hoe verkent u uw partners? En hoe brengt u hen in beweging?

Rapporten

Met het rapport ‘Vechten tegen de bierkaai? Voorkomen en verminderen van alcoholgebruik onder jongeren’ adviseert Integraal Toezicht Jeugdzaken (ITJ) gemeenten en rijksoverheid over alcoholbeleid. Op gemeentelijk niveau zijn er goede initiatieven om het alcoholgebruik van jongeren te verminderen. Toch ontbreekt het vaak nog aan een stevige regierol van de gemeente. Een dergelijke regie is noodzakelijk voor een meer integrale benadering waardoor het alcoholgebruik kan worden teruggedrongen.

Rapport 'Vechten tegen de bierkaai?'

Rapporten (2)

‘Intersectoraal samenwerken in de aanpak van gezondheidsachterstanden; een onderzoek onder zestien gemeenten in Nederland’, Storm I; Savelkoul M; Busch MCM; Maas J; Schuit AJ

Betere intersectorale samenwerking is een belangrijke voorwaarde om integraal gezondheidsbeleid uit te voeren. Dit is van belang om gezondheidsachterstanden terug te dringen, omdat deze nauw samenhangen met achterstanden op tal van andere terreinen. Denk daarbij aan een laag inkomen, werkloosheid, laag opleidingsniveau, ongunstige woon- en werkomstandigheden en ongezonde leefstijl. Om deze achterstanden te verbeteren is niet alleen de inzet van de volksgezondheidssector nodig, maar ook van daarbuiten, zoals onderwijs, ruimtelijke ordening en sport. De volksgezondheidssector werkt vooral samen met de sociale sectoren (jeugd, onderwijs, sport, sociale zaken) en minder met de fysieke sectoren (ruimte, wonen, milieu). In het onderzoek zijn verbeterpunten geformuleerd om intersectoraal samenwerken te bevorderen. Bijvoorbeeld door gezondheid te laten aansluiten bij gemeentelijke prioriteiten (zoals participatie), de samenwerking met de fysieke sectoren uit te breiden, politiek en bestuurlijk draagvlak te creëren en stapsgewijs te werk gaan.

Factsheet

Draagvlak is een belangrijke voorwaarde voor acceptatie en succes van nieuw beleid. Het zorgt ervoor dat burgers, bedrijven en uitvoerende organisaties zich betrokken blijven voelen. Wie gezondheidsbeleid op de politieke agenda wil krijgen én houden, heeft draagvlak nodig van verschillende beleidsterreinen.

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief van ZonMw: Gezonde Slagkracht nummer 7, november 2011 - Gemeenten zijn actief bezig met het werken aan gezondheidswinst. In deze nieuwsbrief worden tips gegeven rond het thema politiek-bestuurlijke verbinding dat bijdraagt aan het succes van deze projecten. 

Voor het verkrijgen van actuele informatie kan men zich gratis abonneren op de volgende nieuwsbrieven:

NPHF nieuwsbrief - elke 14 dagen brengt de NPHF een elektronische nieuwsbrief uit met nieuws uit de brede public health sector. De nieuwsbrief is bedoeld voor iedereen die te maken heeft met de openbare gezondheidszorg; als professional op de werkvloer, als beleidsmaker of als onderzoeker. De nieuwsbrief is breed georiënteerd en het meest omvattend op o.a. actualiteiten, personalia, onderzoek en conferenties. Ook internationaal. 

Nieuwsbrieven (2)

GGD GHOR nieuwsbrief – richt zich specifiek op de rol van de GGD en de GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio) en op de werkterreinen van de GGD en de GHOR.

VNG nieuwsbrief – de nieuwsbrief geeft iedere week een weekoverzicht en is erg breed georiënteerd, o.a. op WMO en decentralisatie. Bij de aanmelding kunt u een selectie maken van de voor u interessante onderwerpen. 

Binnenlands bestuur – Binnenlands Bestuur kent een dagelijkse en een wekelijkse nieuwsbrief. Daarnaast kunt u zich abonneren op de thematische nieuwsbrieven. Men dient eerst goed te zoeken om de relevantie informatie voor ‘Public Health’ van de rest te kunnen onderscheiden.

Nieuwsbrieven (3)

Movisie nieuwsbrief – Movisie breng Movisie Mail en Campagne nieuwsbrieven uit. Met het lezen van de Movisie Mail houdt u zicht op de sociale sector. De Movisie Mail-redactie verbindt iedere week de actualiteit aan opinie of handzame kennis als instrumenten en methoden. 

RVZ nieuwsbrief – deze Gezamenlijke Nieuwsbrief van de Adviesraden verschijnt zes keer per jaar is zeker na het samengaan met de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) van belang geworden. Deze digitale coproductie biedt abonnees in een handzaam overzicht de actuele informatie over komende en recent verschenen adviezen, kabinetsreacties, publicaties en activiteiten.

Overig

Inspiratiedocumenten

Waarom vitaliteit en gezondheid opnemen in verkiezingsprogramma’s? - Vitaliteit staat bovenaan het verlanglijstje van elke burger. Voor iedereen is gezondheid een hoofdzaak. In de gemeentepolitiek is gezondheid nog te vaak een bijzaak. Daarom zou een integrale gezondheidsaanpak een vernieuwend onderdeel moeten zijn van lokale verkiezingsprogramma’s. Waarom vitaliteit en gezondheid opnemen in verkiezingsprogramma’s? Er ligt een opdracht: decentralisaties leggen de verantwoordelijkheid bij lokale spelers. Op het verlanglijstje van burgers staat gezondheid met stip op nummer 1. Alle beleidsterreinen hebben implicaties voor de gezondheid en vitaliteit van burgers. Gezonde burgers vergroten het succes van de gemeente. Vitale burgers zijn actieve burgers!

Overig (2)

Waarom vitaliteit en gezondheid opnemen in lokaal overheidsbeleid? - Lokaal beleid in tal van sectoren heeft invloed op de gezondheid van burgers. Veiligheid, werk, sport, milieu, onderwijs, volkshuisvesting, verkeer: alle beleidsterreinen hebben implicaties voor de gezondheid en dus de vitaliteit van burgers. In het beleid in de gemeente is een integrale aanpak van gezondheid aan te bevelen.

Bronnen - algemeen

Proefschrift

Gedragen beleid; Een bestuurskundig onderzoek naar interactief beleid en draagvlak in de stad Utrecht. Laurens de Graaf, 2007

 

 

Praktijkvoorbeelden

Hardenberg - Fris over Drank

Hardenberg zet zich al jaren in om het alcoholgebruik onder jongeren tussen de 10 en 24 jaar aan te pakken. Project wil verstrekkers van alcohol, kerken, scholen en ouders motiveren zelf actie te ondernemen. Richt zich op een duurzame cultuurverandering. Ook een aanpak om een positief beeld neerzetten van jongeren die geen alcohol drinken. Extra aandacht aan ouders die moeilijk bereikbaar zijn. Huiskamergesprekken met de wethouder en bewoners.

Effect

Eind 2011 lijkt het erop dat drinken onder de 16 is afgenomen. De Jongerenmonitor van de GGD (medio 2012 verschenen) geeft hier meer informatie over. Evenals over de tolerantie onder ouders en het drinkgedrag van jongeren in de leeftijd van 16 – 24 jaar.

De Hardenbergse aanpak is redelijk succesvol, afgemeten aan het aantal maatschappelijke partners dat ondertussen meedoet aan het verspreiden van de alcoholmatigingsboodschap en het nemen van maatregelen, zoals in 2011:

  • Op 18 dorpsfeesten is gebruikgemaakt van polsbandjes en is de campagne ‘ouders, haal niet voor 16-’ overgenomen. BOA’s hebben op 10 feesten gecontroleerd op drankgebruik en stellen een verhoogde naleving van de gemeentelijke regels vast.
  • Het jongerenwerk heeft contacten gelegd met 29 keten en is met 18 hiervan in gesprek over veiligheid in de keet, waar alcohol en bemoeienis van ouders onderdeel van uitmaken. 
  • Tactus verslavingszorg heeft in samenwerking met de jongerenwerkers diverse activiteiten en een internetcampagne uitgevoerd waarmee minstens 70 jongeren zijn bereikt.
  • De alcoholpoli is uitgebreid met de huisartsenpost en huisartscontacten, waarmee de kans vergroot is dat jongeren met alcoholgerelateerd letsel samen met hun ouders gezien worden door Tactus. 
  • Sportverenigingen hebben oudervoorlichting over alcoholgebruik georganiseerd, uitgevoerd door Tactus. Via de Gemeentecup zijn alle ouders van teamleden in Dedemsvaart en Hardenberg op de hoogte gebracht van de boodschap om onder de 16 geen alcohol te drinken, met bijbehorende opvoedtips.
  • 980 ouders van brugklasleerlingen hebben bij aanvang van het schooljaar een brief ontvangen met opvoedtips over het omgaan met alcohol, met verwijzing naar de Trimbos/Stivorocampagne ‘Hoe pak jij dat aan’.

Proces

In 2012 is een procesevaluatie van Fris over Drank in de gemeente Hardenberg uitgevoerd door Hogeschool Windesheim. Uit deze procesevaluatie is, door het afnemen van interviews bij verschillende stakeholders, bestudering van projectdocumenten en onderzoek naar aandacht in de media, grotendeels duidelijk geworden hoe de implementatie van het project Fris over Drank is verlopen. De procesevaluatie laat zien dat alle geïnterviewden positief tegenover het project Fris over Drank staan. Ook uit de media-aandacht blijkt dat er meer positief dan negatief over het project wordt gesproken. De verschillende stakeholders, geïnterviewden, hebben op- en aanmerkingen gegeven waaraan gewerkt dient te worden om het project nog beter te laten lopen. Het merendeel van de geïnterviewden geeft aan het doel van de eigen bijdrage binnen het project (nog) niet te hebben gehaald of geeft aan dat het niet te meten is of het doel bereikt is. Dit komt volgens het merendeel van de geïnterviewden doordat het een proces is wat langere tijd in beslag neemt voordat te merken en/of meten is of het effect heeft. De eigen bijdrage vinden ze over het algemeen passen binnen het project. Voor de verschillende stakeholders is niet duidelijk wat de bijdrage van de overige stakeholders is. Het merendeel van de stakeholders is bereid door te gaan en allen vinden ze alcoholgebruik een probleem binnen de gemeente Hardenberg waaraan verder gewerkt moet worden.

 

Meer lezen

Nieuwsbrief Gezonde Slagkracht, nummer 7 - 8 november 2011: Het college van B&W in de gemeente Hardenberg heeft voor het sociaal beleid een totaalpakket neergezet rond re-integratie van jongeren, waarbij 3 beleidsafdelingen nauw samenwerken. Een interview met Jaap van Middelkoop, beleidscoördinator van de gemeente Hardenberg over Politiek bestuurlijke verbinding.

Meer zien

Film: Fris over Drank. Onder die titel werkt de gemeenschap in Hardenberg aan het alcoholmatigingsbeleid. In de film vertellen jongeren uit het voortgezet onderwijs zelf over hun drankgebruik en hebben zelf alcoholvrije cocktails ontwikkeld. 

Jeugd in ontwikkeling in Scherpenzeel (JOS)

Met het project Jeugd in ontwikkeling in Scherpenzeel (JOS) werkt de gemeente aan een integrale aanpak van Wmo-beleid, onderwijsbeleid én gezondheidsbeleid.

Het project Jeugd in Ontwikkeling Scherpenzeel (JOS) is in 2010 van start gegaan voor een periode van 4 jaar. JOS is een uniek Brede Schoolconcept, gericht op de optimale ontwikkeling van kinderen van 0 tot 14 jaar op het gebied van onderwijs, opvang, sport, cultuur, gezondheid, (sociale) veiligheid etc. Samen met Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) vormt JOS een van de pijlers van het jeugd- en onderwijsbeleid. Binnen JOS werken de kernpartners (gemeente, basisscholen, kinderopvang en peuterspeelzaal) samen en afhankelijk van het thema worden er andere (maatschappelijke) partners bij betrokken. Er is een coördinator aangesteld en de activiteiten worden uitgevoerd door een activiteitencoach.

Resultaten

  • JOS is een dynamisch project en biedt naar behoefte een breed scala van activiteiten aan die in en buiten schooltijd plaatsvinden. Het aanbod van activiteiten wordt in samenspraak met de kernpartners opgesteld en sluit thematisch en organisatorisch zoveel mogelijk aan bij de schoolprogramma’s. Er kan maatwerk geleverd worden waarbij er respect is voor ieders identiteit. 
  • De integrale uitwerking van een deel Wmo-beleid , jeugd- en onderwijsbeleid én gezondheidsbeleid binnen JOS werpt zijn vruchten af. Het aanbod van activiteiten is nu gebundeld en uitgebreid tot een overzichtelijk en gecoördineerd geheel van voorzieningen dat aansluit bij de speerpunten van JOS. Er is geen sprake meer van overlap of dubbelingen. Voor alle partijen werkt JOS efficiënt door een heldere overlegstructuur en er is geen versnippering meer van middelen en aparte subsidiepotjes.
  • Voor de ouders en kinderen is duidelijk wat JOS te bieden heeft en de informatie wordt aangeboden via de website en de nieuwsbrieven.
  • Door de samenwerking met de diverse schilpartners (sport/cultuur organisaties etc.) worden ouders/vrijwilligers ingezet en daarmee wordt de sociale cohesie bevorderd en, niet onbelangrijk, bespaard op kosten.
  • De samenwerking tussen de kernpartners is positief. Er is een goede overlegstructuur op bestuurlijk en management niveau en voor diverse thema’s zijn er projectgroepen samengesteld. Afhankelijk van een bepaald thema is er samenwerking met de schilpartners, maar zij nemen niet frequent deel aan de overleggen. Het CJG en JOS hebben elkaar gevonden en er is een prima afstemming. De samenwerking met het jongerenwerk is zodanig positief dat een uitbreiding van de doelgroep van 14 naar 18 jaar voor de hand ligt. 
  • Vooral door de relatie met het onderwijs, de kinderopvang en de peuterspeelzaal is er een groot bereik van de doelgroep JOS. De deelname aan activiteiten is onder schooltijd gegarandeerd en buiten schooltijd boven verwachting goed.

Meer lezen

Nieuwsbrief Gezonde Slagkracht, nummer 15 - september 2012: ‘Scherpenzeel: geen los zand, maar samenhangend beleid’; over hoe krijg je de neuzen dezelfde kant uit?

Gaandeweg het ontwikkelproces van een Brede School bleek dat de term Brede School niet voldoende de lading dekte. De wens ontstond om een andere term te gebruiken. Er is gekozen voor ‘Jeugd in Ontwikkeling Scherpenzeel’. De gemeente heeft een kwartiermaker aangesteld om samen met de belangrijkste partners het beleid te ontwikkelen. De beleidsnotitie ‘Jeugd in Ontwikkeling Scherpenzeel’ is daarvan het resultaat. De beleidsnotitie is van ‘onderop’ tot stand gekomen door een constructieve en inspirerende samenwerking tussen toekomstige partners en gebruikers van Jeugd in Ontwikkeling, waardoor een breed draagvlak is gecreëerd. Deelnemers aan het proces waren: leerlingen, ex-leerlingen en leerkrachten, directeuren van de 5 basisscholen, vertegenwoordigers van vrijwilligers- en andere organisaties. 

Laarbeek - Gezondheidsrace

Pia Dijkstra: ‘Overheid heeft wel degelijk een rol bij preventie’; Nieuw was het project niet voor haar, maar ook tijdens een recent werkbezoek was ze weer erg onder de indruk. Voor Pia Dijkstra, Tweede Kamerlid voor D66, is de Gezondheidsrace in Laarbeek hét voorbeeld hoe een burgerinitiatief het gezonde verschil kan maken.

 

 

Succesfactoren – practice based

Wethouders als ambassadeur 

De K5-gemeenten Bergambacht, Nederlek, Ouderkerk, Schoonhoven en Vlist hebben veel energie gestopt in het politiek-bestuurlijke draagvlak voor de gekozen werkwijze. Het project is ooit ingestoken vanuit het thema veiligheid, maar al snel is het bestuurlijk breder getrokken, aldus Van der Sloot. ‘De verschillende wethouders zijn vanuit hun portefeuille ambassadeur voor het beleid. Dus als er goede publieke momenten zijn om de boodschap uit te dragen, dan nemen ze die te baat. Als de wethouder Volksgezondheid bijvoorbeeld een sportgala opent, zegt 'ie ook meteen iets over alcohol en sport. Dat is immers een mooi moment om er weer even bij stil te staan.’ 

Eén gezicht

Laat als gemeente één gezicht zien, ook als je vanuit de beleidsvelden verschillende doelen hebt. Werk dus systematisch en vanuit een integrale visie op preventie. 

Politiek zelf laten meedoen en ervaren

Voorbeeld:

Met het initiatief ‘Politiek in Beweging’ zet Woerden Actief de lokale politiek daarbij heel bewust in. ‘Bijna alle raadsleden en wethouders doen mee. Zij krijgen een stappenteller en ontdekken al snel dat je heel moeilijk aan de aanbevolen tienduizend stappen per dag komt. Tenzij je gaat lunchwandelen of vaker de trap neemt. Als je het zo concreet maakt, ervaart ook de lokale politiek eerder het belang van een structurele aanpak van een gezonde leefstijl.’

Voorbeeld:

Al sinds 2008 houdt de gemeente Voorst haar nieuwjaarsreceptie alcoholvrij. Begonnen vanuit het jaarthema ‘jeugd’, is het inmiddels een vaste, gezonde traditie geworden. Voor wethouder Edo Horstman past die in het ‘traject’ van het gemeentelijke beleid rond alcohol.

Voorbeeld:

‘Een mooi voorbeeld is het project NIX, een actie waarbij een groep jongeren besloot om veertig dagen geen alcohol te gebruiken. Dat initiatief kreeg veel aandacht, onder andere in de sociale media. De jongeren maakten zelf een website en zorgden voor publiciteit via een jongerenpersbureau in de regio.’ Project NIX leidde er ook toe dat de nieuwjaarsreceptie van 2013 in het gemeentehuis van Harderwijk volledig alcoholvrij was. ‘Zo konden we als gemeente een mooi statement afgeven en zij de jongeren echt gestimuleerd om zelf dingen op te pakken.

Overige succesfactoren

Pragmatisch werken

Bestuurders zijn vooral pragmatisch. 

De transities in het lokale domein lijken een mooie kans voor integraal gezondheidsbeleid, maar ze zijn het niet vanzelfsprekend. Een van de geïnterviewden: ‘De decentralisaties hebben de aandacht van de gemeenteraad en vormen daardoor een prikkel tot actie.’ Deze bestuurder beschouwt dit als een extra kans voor meer integraal werken. De meeste bestuurders verbinden het proces rond de transities echter niet spontaan met integraal samenwerken voor gezondheid. Men werkt eerder pragmatisch dan visionair: wat ligt goed en waar is er geld te halen?

Collegebreed draagvlak

Actieve en zichtbare rol van de bestuurders - goede chemie 

Als belangrijkste lessen noemen bestuurders onder meer de kracht van een wijkgerichte aanpak en de meerwaarde van ‘interactieve beleidsvorming’. Het is cruciaal om alle betrokkenen vanaf de start te betrekken bij de probleemanalyse, waardoor een gedeelde her- en erkenning van de problematiek ontstaat. Als succesfactoren noemen zij bijvoorbeeld een collegebreed draagvlak en een actieve en zichtbare rol van de bestuurder. Dat laatste werkt enthousiasmerend, geeft status en vergroot het draagvlak. En vóór alles is integraal gezondheidsbeleid mensenwerk. Een goede chemie tussen bestuurder(s), projectleider en praktijkmensen is dan ook onmisbaar.

Effectief beleid

‘Wethouders worden de komende tijd nog scherper afgerekend op de effectiviteit van hun beleid. Juist daar zitten inderdaad grote kansen voor integraal gezondheidsbeleid. Het Sociaal en Cultureel Planbureau heeft voorgerekend dat de doelgroepen van de regelingen in het kader van de jeugdzorg, begeleiding uit de AWBZ en de Participatiewet (voorheen ‘werken naar vermogen’) een overlap hebben van ongeveer 60 procent. Alleen daarom al is integraal beleid de enige optie.’ 

Gezondheidsdimensie als toegevoegde waarde

Waar we naartoe willen: “We krijgen ons verkeersbeleid alleen maar voor elkaar als we er een gezondheidsdimensie aan toevoegen.”

Betrek relevante partijen bij de ontwikkelingsfase

Er is een breed draagvlak voor de aanpak, als het niet alleen door de gemeente bedacht is. 

Voorbeeld:

‘Alle relevante partijen zijn betrokken bij de beleidsontwikkeling. Dat is echt een interactief proces geweest, met een gezamenlijke beleidsnotitie als resultaat. Daarin staan tien speerpunten waar iedereen zich in kan vinden. De kunst is om er vervolgens een samenhangend geheel van te maken. Dat kan alleen als je het doet mét je uitvoeringspartners. 

Doe het als gemeente vooral niet alleen, maar betrek alle relevante partijen bij de opzet van het integrale beleid. Daarmee creëer je draagvlak en houd je personen en instanties betrokken.

Samenhangend totaalprogramma 

Geen los zand, maar een samenhangend geheel. Dat voorkomt versnippering van beleid en budgetten. Je werkt niet langs elkaar heen, ook niet op het gemeentehuis. Iedere beleidssector moet een klein stukje afstaan, bij wijze van spreken. 

Breed trekken

Richt je niet specifiek op één gezondheidsthema, maar trek het breed. Het structureel en evenwichtig aandacht hebben voor bewegen/sport, voeding, voorlichting alcohol/roken, maar ook cultuur en (sociale) veiligheid moet vanzelfsprekend zijn. 

Goede communicatie over het project

Draag het project uit door een goede communicatie. Dus met een website, nieuwsbrieven en persberichten. Betrek de politiek erbij en laat steeds weer zien waar het project voor staat. En vooral ook wat het oplevert.

Draagvlak creëren en behouden

Dat is niet een eindpunt. Het is een actie. Een gezondheidsthema op de agenda hebben is nog geen garantie dat het thema op de agenda blijft.

Voorbeeld:

‘Zelfs binnen mijn eigen GGD moet ik het draagvlak ervoor blijven onderhouden. En de trekkers moeten het vuur in hun netwerken brandend zien te houden. Uiteindelijk hangt het vooral ook samen met personen. Er hoeven maar een paar mensen een andere functie te krijgen, en een deel van je draagvlak valt weg.’

Vooruit denken

Lokaal beleid begint met papier, zegt Izeboud. ‘Een jaarplan voor 2013 wordt in 2012 opgesteld. Je moet dus zeker anderhalf jaar vooruit denken als je een bepaalde aanpak in de relevante beleidsnota’s van de gemeente wil krijgen.’ 

Brede langetermijnvisie

Voorbeeld:

Het Hardenbergse beleid is gebaseerd op een brede toekomstvisie die door de gemeenteraad is geformuleerd. Bijzonder is dat deze visie een langere periode omvat. Van Middelkoop: ‘Het gaat om 10 jaar. Uiteraard zijn we met ons beleid gebonden aan het collegeakkoord. Maar ook het college baseert zich op de visie van de raad en kijkt dus verder dan zijn eigen zittingsperiode.’ Wat levert zo’n langetermijnvisie concreet op? Een duidelijke politieke visie op de lange termijn voorkomt hapsnap-beleid, zegt Van Middelkoop. ‘Een langetermijnvisie voorkomt incidentenpolitiek. Maar er zit ook een risico aan, want je kunt ook in grote ambities verdwalen. Vertaal deze dus steeds naar de dagelijkse praktijk van de mensen die het werk moeten doen.’ Van Middelkoops gouden tip: zorg dat je altijd op je doel gericht blijft, en houd dat in beeld.

Brede kijk 

Voorbeeld:

‘Belangrijk uitgangspunt voor ons project zijn de determinanten van overgewicht. Dat zijn uiteraard bewegen en voeding, maar het kunnen bijvoorbeeld ook sociale problemen als werkloosheid zijn.’ Vanuit deze brede kijk op gezondheid komen ook vanzelf de parallelle belangen van de verschillende beleidsterreinen naar voren. ‘Gezondheid is in Groningen dan ook een onderwerp voor alle beleidsterreinen.’

Krachtenveldanalyse

Heeft u nog geen enkel draagvlak? Doe dan een krachtenveldanalyse. Ga na welke partijen er intern en extern zijn. Hebben ze wensen en belangen bij het opzetten en uitvoeren van veiligheidsbeleid? Zo ja, welke zijn dat dan? Vervolgens kijkt u naar alle partijen en personen en bepaalt u welke van hen van belang zijn voor uw streven naar goed veiligheidsbeleid. Oftewel: Wie heeft u zeker nodig om goed veiligheidsbeleid op te zetten en uit te voeren en waarom? U heeft nu een goed beeld van de partijen en personen die relevant zijn voor het opzetten van goed veiligheidsbeleid. U kunt beginnen met het creëren van draagvlak. In de bibliotheek vindt u een formulier voor de krachtenveldanalyse. 

Sluit aan bij de actualiteit

Is het lastig om het onderwerp onder de aandacht te brengen of te houden? Zoek dan een goede aanleiding om erover te beginnen. Zo zal iedereen het belang van uw punt inzien.

Successen vieren

Het is erg belangrijk aandacht te besteden aan successen, hoe klein die soms ook zijn. Dit zorgt ervoor dat partijen zich betrokken voelen. 

Laat vooruitgang zien

Maak helder voor alle partijen wat er zoal gedaan wordt om goed gezondheidsbeleid op te zetten en uit te voeren. Hou hen op de hoogte van uw vorderingen en resultaten. Dit zorgt ervoor dat partijen betrokken blijven. Stel hen resultaten in het vooruitzicht. Maak hen nieuwsgierig.

Knelpunten/faalfactoren – practice based

Vertaling naar structureel beleid

Gemeenten vinden het lastig om de resultaten en ervaringen te vertalen naar structureel beleid.

Concept ‘integraal beleid’ onvoldoende helder

Het concept ‘integraal gezondheidsbeleid’ is volgens vele gemeenten nog niet goed uitgekristalliseerd.

In de praktijk verstaan gemeenten onder integraal werken vooral a) intercollegiale samenwerking (ambtelijk en bestuurlijk), b) het verbinden van gemeentelijke beleidssectoren en/of c) het betrekken van lokale en regionale samenwerkingspartners waaronder ook de gemeenten in de regio.

Oplossingsrichting - Een gemeente dient met haar partners eenduidigheid te krijgen over wat er onder ‘integraal beleid’ en ‘integraal werken’ wordt verstaan en daar helder over te zijn in de communicatie. Bijzondere aandacht is nu aan de orde daar waar de gemeente wil aansluiten bij een burgerinitiatief.

Dwaling in (te) grote ambities

‘Een brede langetermijnvisie voorkomt incidentenpolitiek. Maar er zit ook een risico aan, want je kunt ook in grote ambities verdwalen. Vertaal deze dus steeds naar de dagelijkse praktijk van de mensen die het werk moeten doen.’ 

Oplossingsrichting - Van Middelkoops gouden tip: zorg dat je altijd op je doel gericht blijft, en houd dat in beeld.

Theoretische onderbouwing

Boek

‘Integraal gezondheidsbeleid: theorie en toepassing’. I. Storm, F. van Zoest en L. den Broeder. 2007 Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven (RIVM-rapportnummer: 270851003).

Integraal gezondheidsbeleid is een veelbesproken aanpak voor verschillende gezondheidsproblemen. Het doel van dit boekje is een overzicht te geven van de verschillende aspecten van integraal gezondheidsbeleid. Deze publicatie wordt door het centrum voor Volksgezondheid Toekomst Verkenningen van het RIVM uitgebracht als deel I over integraal gezondheidsbeleid.

Naast deel I is er ook een deel II. Dat deel gaat dieper in op een belangrijk instrument voor het voeren van integraal gezondheidsbeleid, de Gezondheidseffectschatting. De publicaties zijn bedoeld voor onderzoekers, beleidsmakers binnen en buiten het volksgezondheidsdomein, professionals in de openbare gezondheidszorg en andere geïnteresseerden, zoals maatschappelijke organisaties.

Artikel

‘De draagvlak-theorie nader beschouwd’. Prof. Dr. A.J. Vermaat. Maandschrift Economie, jaargang 43, 1979.

Paper

‘Draagvlak nader bekeken; Een verkenning van het begrip draagvlak binnen interactief beleid op lokaal niveau vanuit een normatief en instrumenteel perspectief’. Auteurs: M. Boedeltje en L. De Graaf (2004).

Instrumenten en methodieken

Checklist

Hoe creëer je politiek draagvlak? Deze checklist biedt concrete acties om mee te starten!

Toolkit i4i

Tools voor grip op integrale processen en praktijken in publieke gezondheid. RIVM Briefrapport 2014-0136. I. Storm, J.A.M. van Oers. RIVM, 2014.

In de praktijk is het een complexe aangelegenheid om integraal beleid en samenwerken te realiseren en het gebeurt op diverse manieren. Ook ontbreekt het aan theoretische kaders. Dat maakt het moeilijk zicht te krijgen op de aanpak en voortgang van lokale en regionale integrale praktijken en processen. Om hier meer grip op te krijgen, zijn 6 nieuwe tools ontwikkeld. Hiermee kunnen professionals en onderzoekers integrale acties (integrale beleidsvorming en samenwerkingsprocessen) realiseren, monitoren en evalueren. Zo kan ‘sturingsinformatie’ naar boven gehaald worden, zoals het draagvlak bij stakeholders en beleidsuitvoerders, de integratie van gezondheid in beleidsnota’s, of inzicht in lokale of regionale samenwerkingsprocessen en - prestaties.

Methoden

Er bestaan diverse methoden om integraal gezondheidsbeleid te ontwikkelen en uit te voeren. Drie bekende methoden zijn de gezondheidseffectschatting (GES), de quick scan facetbeleid (QSF) en de determinantenbeleidsscreening (DBS). Deze methoden bieden ondersteuning om samen met verschillende sectoren te werken aan het verbeteren van de gezondheid van burgers. Elk van de methoden heeft een andere doelstelling.

Gezondheidseffectschatting

Integraal gezondheidsbeleid: theorie en toepassing. Manon Penris en Lea den Broeder, 2004 Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Bilthoven.

Een van de manieren om integraal gezondheidsbeleid te helpen vormgeven is de gezondheidseffectschatting (GES). Dit is een combinatie van methodes, procedures en instrumenten, waarmee een beleidsvoorstel, programma of project beoordeeld kan worden op effecten op de gezondheid van een bepaalde populatie, en de verdeling van die effecten binnen die populatie. De GES is een flexibele methode die zowel geschikt is voor het onderzoeken of beoordelen van brede beleidsdoelstellingen van een ministerie, als van zeer concrete voornemens in een wijk. De methode is te gebruiken op allerlei niveaus: lokaal (in gemeenten of zelfs wijken), landelijk en internationaal.

Quick scan facetbeleid

Met de quick scan facetbeleid (QSF) wordt de inhoudelijke, politiek-bestuurlijke en instrumentele haalbaarheid van integraal gezondheidsbeleid vastgesteld (Van Herten & Gunning-Schepers, 2001). Zie voor meer informatie over het instrument ‘Quick scan facetbeleid’: het Handboek Quick scan facetbeleid.

Determinantenbeleidsscreening

De determinantenbeleidsscreening (DBS) beschrijft de beleidssectoren die iets aan een belangrijk volksgezondheidsprobleem zouden kunnen doen. De DBS gaat daarbij uit van de determinanten van het gezondheidsprobleem. Daarna wordt nagegaan welke juridische, economische en communicatieve beleidsmaatregelen beschikbaar zijn om de determinanten in gunstige richting te beïnvloeden en welke sectoren deze beleidsmaatregelen kunnen toepassen. Zie voor meer informatie over dit instrument: het Handboek Determinantenbeleidsscreening.

Trainingen

‘Ervaringen zijn invloedrijker dan theoretische kennis in deze. Creëer oefensituaties of zoek deze op. Ervaar hoe het is om mee te maken dat je wetenschappelijk wellicht gelijk hebt maar dat politiek niet kunt krijgen.’ (Hans Baaijens)

NSPOH: Lobbyen en netwerken

Hoe krijgt u een onderwerp op de (politieke) agenda? Ontdek hoe u u uw netwerk optimaal in kunt zetten en hoe u met lobbyen invloed kunt uitoefenen op de agenda’s van relevante partijen. Aan de hand van een persoonlijk lobbydoel ontwerpt u een plan.

Wat u leert - U krijgt inzicht in het krachtenveld waarin uw werkzaam bent. U leert hoe u daarin netwerken opbouwt en onderhoudt. Hierdoor kunt u bewuste keuzes maken voor relevante partijen en personen als u draagvlak wilt creëren en/of invloed wilt uitoefenen. Ook leert u de spelregels van het lobbyen en hoe u met een lobbyplan de agenda’s van relevante partijen kunt beïnvloeden.

Voor wie - Deze module is bedoeld voor professionals in de Public and Occupational Health.

Soort scholing - Deze module kan door deelnemers in opleiding gevolgd worden als keuzeonderwijs. Geregistreerde professionals kunnen deze module volgen in het kader van hun bij- en nascholing. De module is bovendien geschikt om in-company uit te voeren.

ICM: Effectief Beïnvloeden

Uw gedrag en eigen stijl hebben een effect op anderen. Maar bent u zich bewust van uw stijl? Kunt u uw stijl flexibel inzetten afhankelijk van de situatie en de gesprekspartner? En hoe vergroot u uw invloed? Tijdens deze training leert u hoe u op natuurlijke wijze zaken voor elkaar krijgt. Hoe u draagvlak creëert, gebruikmakend van uw eigen kracht en met respect voor de ander. Doordat u uw persoonlijke invloed op anderen vergroot, wint u aan vertrouwen, brengt u uw ideeën en standpunten helder over en bent u in staat om anderen te motiveren.

Wat u leert - U wordt zich bewust van uw eigen stijl en het effect op anderen; u krijgt inzicht in de stijlen die u meer kunt ontwikkelen; u krijgt inzicht in wat de situatie van u vraagt; u leert draagvlak te creëren op natuurlijke wijze; u leert uw omgeving te inspireren en motiveren; u krijgt meer voor elkaar met minder inspanning; u vergroot uw invloed op anderen en uw omgeving.

Voor wie/soort scholing - Voorafgaand aan de training vindt een schriftelijke intake plaats. Op basis hiervan stelt u uw persoonlijke doelen vast. Door middel van vragenlijsten, oefeningen en feedback krijgt u zicht op hoe ontwikkeld uw invloedstijlen zijn. U kunt oefenen met uw persoonlijke situaties, zoals urgente problemen oplossen, motiveren van anderen en ideeën overdragen. Door de gerichte feedback op uw werkwijze en het oefenen met alternatief gedrag leert u de verworven vaardigheden te vertalen naar uw eigen werk- en leefomgeving. Aan het eind van de training stelt u een persoonlijk actieplan op. Heeft u de gehele training gevolgd, dan ontvangt u het ICM-certificaat.

Springest

Onafhankelijke vergelijkingssite voor opleidingen, trainingen en cursussen van Nederland. Hier vindt je een overzicht van trainingen, opleidingen en cursussen op het thema ‘Draagvlak creëren’.

Gastsprekers

Hans Baaijens

Contactgegevens

  • Functie: heeft diverse bestuurlijke functies bekleed, was o.a. raadslid en wethouder in de gemeente Leiden, voorzitter van de GGD en bestuurlijk actief bij de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Na ruim 6 jaar directeur van de NPHF Federatie voor Gezondheid te zijn geweest is hij vervroegd met pensioen gegaan.
  • Telefoonnummer: 071-5237080.
  • E-mail: Hans.Baaijens@planet.nl

Thema: Politiek bestuurlijk draagvlak

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: trainingsaspecten/rollenspellen ten aanzien van ‘hoe werkt het in de praktijk’.

Voorwaarden: afhankelijk van de situatie. Neem contact op.

Ina van Oostenbrugge

Contactgegevens

  • Functie: Programmamanager Zwolle Gezonde Stad, Projectleider Pilot Preventie Leefstijl adolescenten, Beleidsadviseur Kennis en Expertise Centrum
  • Instelling: GGD IJsselland
  • Bezoekadres: Zeven Alleetjes 1, 8011 CV Zwolle (v.a. voorjaar 2016)
  • Postadres: Postbus 1453, 8001 BL Zwolle
  • Telefoonnummer: 038 428 1574
  • e-mail: i.van.oostenbrugge@ggdijsselland.nl

Thema 1: Politiek bestuurlijk draagvlak
Thema 2: Borging

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: gericht op de lokale integrale JOGG aanpak in Zwolle; naast het doorlopen proces van borging (wat ging goed, wat niet) tevens aandacht voor (politiek) bestuurlijk draagvlak.

Voorwaarden: nader te bespreken

Hans Martin Don

Contactgegevens

  • Functie: Directeur, kandidaat Senator Eerste kamer, voormalig VZ Koepel WMO raden
  • Instelling: Leger des Heils
  • Bezoekadres: Raiffeissenstraat 1 Eindhoven
  • Postadres: idem
  • Telefoonnummer: 040 2393160 / 0610136211
  • e-mail: Hans.martin.don@legerdesheils.nl

Thema: Politiek bestuurlijk draagvlak

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: Politiek bewustzijn in relatie tot zorg/welzijn; Burgerparticipatie in relatie tot zorg en WMO-raden; consequenties van de verandering voor de medewerkers van organisatie zoals die van ons (Leger des Heils).

Joan Briels

Contactgegevens 

  • Functies: Wethouder Maatschappelijk Domein Laarbeek; Trainer 'omgang met agressie' (ZZP)
  • Bezoekadres: Koppelstraat 45; 5741GA  Beek en Donk
  • Postadres: Idem
  • Telefoonnummer: 06-53713179
  • email: joan.briels@laarbeek.nl

Thema 1: Politiek bestuurlijk draagvlak
Thema 2: Burgerparticipatie

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: Het hoe en waarom van (burger)participatie. Dit alles op basis van de ervaringen die ik daar vanuit mijn verschillende functies in heb opgedaan. Met name op het gebied van (publieke) gezondheid (lokaal gezondheidsbeleid, Wmo, etc.).  Belangrijke vraag bij dit alles is hoe draagvlak bij de diverse actoren (inwoners, professionals, belangengroeperingen, ambtenaren, college en raad) te verkrijgen. Dat alles vraag om creativiteit. Middels een aantal praktische denkoefeningen kan ik de toehoorders eventueel laten zien en ervaren hoe ons brein werkt en hoezeer dat de benodigde creativiteit in de weg kan staan. 

Insteek is daarbij om de vertaling te maken vanuit de theorie naar de praktijk. Zowel bij het opstellen van ons lokaal gezondheidsbeleid en ons Wmo-beleidsplan zijn onze inwoners actief betrokken. Van het formuleren en vaststellen van de probleemstelling tot aan de uitwerking in concrete projecten. Dit alles om het draagvlak voor ons beleid te optimaliseren. Dit vraagt echter iets van onze inwoners, van professionele organisatie, van ambtenaren en niet in het minst van mij als bestuurder (loslaten), en tot slot van onze gemeenteraad. Tijdens mijn inleiding zal ik ook ingaan op de verschillende rollen en de mogelijke sturingsinstrumenten in dit proces.

Deze manier van werken werkt (in de meeste gevallen) bijzonder motiverend en enthousiasmerend.

Voorwaarden: (beperkte) onkostenvergoeding en ruimte om er wat van te maken. 

Jos van de Sande

Contactgegevens

  • Functie: senior adviseur GGD Nederland (onderzoek toekomstbestendigheid infectieziektebestrijding door GGDen); plaatsvervangend DPG in kader rampenbestijding GGD Hart voor Brabant.
  • Voorheen: regiodirecteur GGD Hart voor Brabant (regio ’s-Hertogenbosch) en programmadirecteur Leefomgeving.
  • Instelling: GGD/GHOR Nederland, GGD Hart voor Brabant
  • Bezoekadres: Zwartewoud 2, 3524 SJ Utrecht
  • Telefoonnummer: 06-51261302
  • e-mail: jvandesande@ggdghor.nl , josvandesande@hotmail.com

Thema 1: Politiek bestuurlijk draagvlak
Thema 2: Uitvoering

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: 

  • Infectieziektebestrijding en hygiëne (openbaar lokaal bestuur en organisatie infectieziektebestrijding VWS, RIVM; infectieziektecrisis)
  • Intensieve veehouderij, antibioticagebruik en risico’s gezondheid, rol openbaar lokaal bestuur
  • Openbare geestelijke gezondheidszorg
  • Ruimtelijke ordening en Gezondheid (Preventie)
  • Publieke Gezondheid door GGDen
  • Preventie eerstelijnszorg in samenwerking met Publieke Gezondheid

Voorwaarden: een persoonlijk gesprek om goed in te kunnen schatten wat de feitelijke behoefte is.

Maria Jansen

Contactgegevens

  • Functie: Programmaleider Academische Werkplaats Publieke Gezondheid Limburg, hoogleraar Populatiegericht Gezondheidsbeleid
  • Instelling: GGD Zuid Limburg en Universiteit Maastricht
  • Bezoekadres: Duboisdomein 30
  • Postadres: Postbus 616,  6200 MD,  Maastricht
  • Telefoonnummer: 043 3881567 / 0642542344
  • e-mail: maria.jansen@ggdzl.nl

Thema 1: Politiek bestuurlijk draagvlak
Thema 2: Samenwerken: integraal, intersectoraal en publiek-privaat
Thema 3: Uitvoering

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: politiek bestuurlijk draagvlak, horizontale samenwerking, intersectorale samenwerking

Voorwaarden: reiskosten, vergoeding bespreekbaar

Erik Dannenberg

Contactgegevens

  • Functie: Senior adviseur (voorheen: wethouder Zwolle)
  • Instelling: BMC
  • Bezoekadres: Spacelab 4, Amersfoort
  • Postadres: Postbus 490, 3800 AL Amersfoort
  • Telefoonnummer: 06-53234066
  • e-mail: erikdannenberg@bmc.nl

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: het belang van bestuurlijk draagvlak voor preventieve gezondheidsprogramma’s, zoals JOGG. 

Voorwaarden: BMC brengt een uurtarief van € 180,- in rekening. Dit is inclusief reiskosten en reistijd en exclusief btw.

Joop ten Dam

Contactgegevens 

  • Functie: lector De Gezonde Stad
  • Instelling: Hogeschool Windesheim
  • Bezoekadres: Campus 4 Zwolle
  • Postadres: Postbus 10090 8000 GB Zwolle
  • Telefoonnummer: 088 469 9096 (managementassistente)
  • e-mail: j.ten.dam@windesheim.nl

Thema 1: Samenwerken: integraal, intersectoraal en/of publiek-privaat
Thema 2: Borging
Thema 3: Politiek Bestuurlijk Draagvlak

Toelichting m.b.t. de inhoud van een gastcollege: gezond beleid, gezonde wijk, preventie overgewicht, gezondheidsverschillen, publiek-private samenwerking, politiek draagvlak, borging. 

Voorwaarden: bespreekbaar