Het Onderzoeksprogramma ggz moet zorgen voor minder psychische ziekte, snellere en betere behandeling van patiënten met een psychische aandoening en meer aandacht voor herstel.

Uiterst urgent, omdat het veel individueel leed voorkomt en mensen mentaal sterk, actief en maatschappelijk betrokken houdt. Bovendien bespaart het lange en dure zorgtrajecten. In deze publicatie houden we u op hoogte van de voortgang van het onderzoeksprogramma.

Inhoud

Langlopend cohortonderzoek naar vroege herkenning en behandeling in de ggz

Momenteel loopt de beoordelingsprocedure voor de subsidieoproep ‘Langlopend cohortonderzoek naar vroege herkenning en behandeling in de ggz’. De deadline voor het indienen van projectideeën was 31 januari 2019, 14.00 uur. Rond 25 maart 2019 ontvangen de subsidieaanvragers het advies van de commissie over hun projectidee. De deadline voor uitgewerkte subsidieaanvragen is 4 juli 2019, 14.00 uur.

Onderzoek naar vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg

De ontwikkeling, terugval of verergering van een psychische stoornis kan door vroeg ingrijpen worden voorkomen. Daarom heeft het onderzoeksprogramma eind 2018 opnieuw 7 onderzoeken naar vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg gefinancierd en 5 postdocfellowships.

Schaduwportretten die een afspiegeling van de maatschappij voorstellen

7 onderzoeken

De 7 onderzoeken moeten antwoord geven op de vraag voor wie en onder welke condities behandelingen het meest effectief en efficiënt ingezet kunnen worden, om daarmee vroege herkenning en behandeling en gepersonaliseerde zorg mogelijk te maken. Er kan hierbij gedacht worden aan onderzoek naar het gerichter inzetten van behandelingen bij hallucinaties of het eerder ingrijpen bij zelfbeschadiging bij jongeren.

Postdocfellowships

Fellowships zijn persoonsgebonden subsidies voor innovatieve, creatieve, grensverleggende en veelbelovende onderzoekers en praktijkprofessionals in de ggz. De 5 fellows krijgen door middel van de subsidie een kans hun eigen onderzoekslijn op te zetten. Postdocfellows zijn gepromoveerde wetenschappers die reeds onderzoek doen naar ggz gerelateerde onderwerpen. Zij stimuleren hiermee vernieuwd ggz-onderzoek. Inhoudelijk zijn ook deze onderzoeken gericht op de vroege herkenning en behandeling en gepersonaliseerde zorg. Hierbij kan gedacht worden aan de ontwikkeling van een algoritme voor probleemgedrag bij kinderen of een longitudinale studie naar bipolariteit bij volwassenen.

Eind 2017 financierde het onderzoeksprogramma ook al 9 onderzoeken naar vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg:

Talentontwikkeling in de ggz

Binnen het Onderzoeksprogramma ggz hebben 2 praktijkfellows en 3 multidisciplinaire fellows een persoonsgebonden subsidie (fellowship) ontvangen voor onderzoek naar vroege herkenning en behandeling en gepersonaliseerde zorg in de ggz. Zij gaan aan de slag met nieuwe, creatieve en grensverleggende ideeën om de zorg aan cliënten te verbeteren, hun regiefunctie te versterken en/of kostenbeheersing te realiseren.

Schaduwportretten die onderzoekers uitbeelden die aan het werk zijn

Praktijkfellows zijn professionals en behandelaren werkzaam in de ggz, die onderzoek willen verrichten naar een vernieuwend, grensverleggend ggz-onderwerp om zo de brug te slaan tussen onderzoek en de praktijk. Multidisciplinaire fellows zijn wetenschappers uit niet ggz-disciplines die de kans krijgen innovatieve wetenschappelijke ideeën met betrekking tot ggz-onderzoeksvragen uit te werken.

Fellowship projecten:

Persoonlijk en maatschappelijk herstel

Psychische aandoeningen hebben een groot effect op mens en maatschappij. Er is echter weinig kennis over hoe je mensen met psychische problemen het beste kunt ondersteunen bij hun persoonlijk herstel en (re-)integratie in de samenleving. Ook is er nog te weinig aandacht voor man/vrouwverschillen bij herstelondersteunende zorg.

Schaduwportretten die herstel en re-integratie uitbeelden

Daarom financieren het Onderzoeksprogramma GGz en het Kennisprogramma Gender en Gezondheid samen 7 praktijkprojecten naar persoonlijk en maatschappelijk herstel van psychische problemen. 

Implementatie- en praktijkprojecten over depressie

Eind 2016 zijn er 5 kortlopende implementatie- en praktijkprojecten gestart om de herkenning en behandeling van depressie bij jonge vrouwen en adolescenten te verbeteren.

Schaduwportret van een kwetsbaar persoon

Langlopend depressie onderzoek

3 projecten hebben een startsubsidie gekregen voor langlopend onderzoek om de herkenning en behandeling van depressie bij jonge vrouwen en adolescenten te verbeteren. Deze projecten zijn in december 2016 gestart en leveren onder andere kennissyntheses op.

Het MARIO (Mood and Resilience in Offspring) project

De grootste risicofactor voor het ontstaan van depressie is het hebben van een ouder met een stemmingsstoornis. Kinderen van ouders met een stemmingsstoornis zijn niet alleen erfelijk belast maar groeien ook op in een kwetsbare omgeving. Helaas ontwikkelt >50% van deze kinderen voor hun 35ste depressieve klachten.

Doel

Het MARIO consortium - met universiteiten, zorginstellingen, patiënt- en belangenorganisaties - heeft als centraal doel dit percentage te verlagen. Als eerste creëren we een infrastructuur gebaseerd op succesvolle nationale studies bij patiënten met stemmingsstoornissen (NESDA, BiG, OPPER). Kinderen (12 t/m 25 jaar) van deze patiënten worden gevolgd om beschermende en risicofactoren voor het ontstaan van depressie te onderzoeken.

Werkwijze

Als tweede gaan we met patiënten en hun kinderen werken aan een manier om depressieve klachten bij kinderen vroeg op te sporen door het (online) meten van emoties en gedrag. Als derde evalueren we of (E-health) interventies depressieve klachten bij kinderen van patiënten kunnen voorkomen.

l'Ideale (LIchaamsbeeld en DEpressie bij AdoLEscenten). Effectieve preventie en verbeterde behandeling van depressie door adolescent-specifieke aanpak

Depressie is nu volksziekte nummer 1 en ontstaat vaak al in de puberteit. Tijdig ingrijpen moet dus bij pubers gebeuren. Maar pubers zijn geen kleine volwassenen! Depressies zien er bij jongeren anders uit; de puber is geprikkeld, denkt negatief over zijn of haar lichaam, vindt moeilijker aansluiting bij leeftijdsgenoten en heeft vaak gewichtsproblemen (zowel overgewicht als
eetstoornissen).

Verschillen tussen jongens en meisjes

Er zijn belangrijke verschillen tussen jongens en meisjes; bij meisjes komen
depressies 2 tot 3 keer zo vaak voor en meisjes voelen zich vooral dik, terwijl jongens onzeker zijn over hun sportieve kwaliteiten. De huidige behandelprotocollen voor depressie houden geen rekening met de puberpresentatie noch met de verschillen tussen jongens en meisjes. Terwijl
bij overgewicht en eetstoornissen altijd het hele gezin wordt mee behandeld, is dat bij depressie nog geen gemeengoed.

Doel

In dit project ontwikkelen we een nieuwe pubergerichte behandeling, persoonlijk ontwikkeld voor jongens èn voor meisjes.

Voluit leven tijdens de zwangerschap: verhogen van mentale weerbaarheid tijdens de zwangerschap ter preventie van peripartum depressie. Een langlopend interventieonderzoek.

Depressieve klachten komen regelmatig voor bij (jonge) zwangeren, maar blijven vaak onopgemerkt bij zorgverleners. Deze klachten kunnen echter leiden tot een peripartum depressie (een depressie rond de bevalling), veranderd het hormonale functioneren van de zwangere en kan zorgen voor ontwikkelingsproblemen bij het (ongeboren) kind. Lage weerbaarheid hangt samen met peripartum depressie. Verhoging van de weerbaarheid kan een depressie voorkomen.

Doel

In dit project voeren we een kennissynthese uit naar:

  • de nog weinig onderzochte rol van weerbaarheid bij peripartum depressie
  • de (in)effectieve elementen in psychosociale interventies voor prenatale(sub)klinische depressieve klachten
  • lacunes in effectonderzoek op dit gebied

De resultaten van de kennissynthese worden gebruikt voor de opzet van een langlopend interventieonderzoek met 342 deelnemers en 48 maanden follow-up dat voor het eerst de effectiviteit onderzoekt van een begeleide zelfhulp weerbaarheidstraining om depressieve klachten tijdens en na de zwangerschap te verminderen.

Blik op de toekomst

Het onderzoeksprogramma heeft een beoogd totaal budget van € 50 miljoen. De minister van VWS heeft € 10 miljoen ter beschikking gesteld voor de periode 2016-2017. In 2018 is nogmaals € 5 miljoen voor één jaar toegezegd. Begin 2019 is het resterende budget van € 35 miljoen voor een langere periode toegezegd. Daarmee kan het onderzoeksprogramma door tot en met 2025. In de komende periode vinden er gesprekken plaats met ggz-partijen die betrokken zijn bij de ‘Agenda ggz voor gepast gebruik en transparantie’. Deze gesprekken vormen de basis voor het uitzetten van andere subsidierondes.

ZonMw stimuleert gezondheidsonderzoek en zorginnovatie. ZonMw financiert gezondheidsonderzoek en stimuleert het gebruik van de ontwikkelde kennis - om daarmee de zorg en gezondheid te verbeteren. ZonMw heeft als hoofdopdrachtgevers het ministerie van VWS en NWO.

Colofon Redactie Tappan Communicatie en ZonMw, Fotografie Tess Jungblut (header foto), Pepijn Leupen (foto Pauline Meurs)

Relevante links

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website