Safety II is een manier om patiëntveiligheid te vergroten door te leren van de alledaagse praktijk in de brede zin, met een focus op waarom het meestal wel goed en soms minder goed gaat in de uitvoering van het zorgproces. Safety II wordt gezien als een volgende stap tot verdere verbetering van patiëntveiligheid.

Eind april 2021 hebben we de eerste 11 onderzoeken naar Safety II gefinancierd. Daarin wordt onderzocht of de principes van Safety II werken in de dagelijkse praktijk van de ziekenhuiszorg in Nederland. Waarom zijn deze onderzoeken zo belangrijk?

Inspirerende initiatieven

Portretfoto van Loes Pijnenborg

We blikken terug op de eerste subsidieronde van het programma Safety II en veiligheidsergonomie met commissievoorzitter Loes Pijnenborg en commissielid Marit de Vos.

Wie is Loes Pijnenborg?
Loes Pijnenborg is manager Kwaliteit in het OLVG Lab in Amsterdam en was voorheen manager van de eenheid Kwaliteit, Veiligheid & Verantwoording in het St. Antonius Ziekenhuis in Utrecht, Nieuwegein en Woerden. Loes is voorzitter van de ZonMw-programmacommissie Safety II en veiligheidsergonomie en is enthousiast over de subsidieaanvragen die ze tegenkwam. ‘Het is inspirerend om te lezen welke initiatieven in Nederland worden ondernomen om vermijdbare schade te verminderen. Ziekenhuizen hebben de Safety-II-benadering al echt omarmd. De beschikbare middelen vormen bij een goede selectie wel een uitdaging; we hadden gemakkelijk het dubbele bedrag uit kunnen zetten omdat er veel goede subsidieaanvragen zijn ingediend.’

Veel diversiteit en creativiteit

Ook programmacommissielid Marit de Vos vertelt over haar ervaringen. ‘Voor mij was het de eerste keer om een ZonMw-beoordeling te doen. Leuk en leerzaam om nu ‘als jonkie’ een subsidieaanvraag van de andere kant mee te maken. Ik was positief verrast over de diversiteit en creativiteit van de subsidieaanvragen. Daarnaast vond ik de interactie binnen de commissie mooi en waardevol, mede omdat daarin diverse expertises vertegenwoordigd zijn. Dit leverde dan ook goede discussies op.'


'Wat ik lastig vond is dat er veel subsidieaanvragen in korte tijd beoordeeld en besproken moeten worden. Ook de methodiek vond ik soms lastig, want subsidieaanvragen zijn opgebouwd volgens een bepaalde structuur, die verschilt van wat je gewend bent uit wetenschappelijke artikelen.'

Wie is Marit de Vos?
Marit de Vos is gynaecoloog in opleiding in het Leids Universitair Medisch Centrum en postdoc-onderzoeker op het gebied van Safety II in het LUMC. Ze is in 2018 cum laude gepromoveerd.

Haar promotieonderzoek richtte zich op het leren van ongewenste uitkomsten in de zorg middels complicatiebesprekingen, het koppelen van bestaande databronnen over complicaties, incidenten, patiëntenklachten en -ervaringen, en het leren van de alledaagse praktijk waarin het meestal goed gaat, ook wel Safety II genoemd.

Portretfoto van Marit de Vos

Begrip Safety II duiden

De programmacommissie was aangenaam verrast door de vele subsidieaanvragen in de eerste subsidieronde. Hier bleek ook hoe moeilijk het is om het begrip ‘Safety II’ goed te duiden. Marit licht toe: ‘Het is vrij gemakkelijk om een positieve benadering te hanteren en vanaf nu alleen te leren van goede uitkomsten. Maar Safety II is meer; de theorie is rijker dan dat en het vraagt tijd om je die eigen te maken. De praktijk, waarin continu veiligheid wordt gecreëerd in een ziekenhuis, is nou eenmaal complex en daarmee de theorie ook.’

Lessen toepassen van wat goed gaat

Ze vervolgt: ‘Het is een misverstand dat lessen over processen die goed gaan zomaar kunnen worden toegepast op andere processen die niet goed gaan. Ter verduidelijking de volgende metafoor: dat is alsof je een kok onderzoekt op hoe hij zijn voorgerechten zo goed maakt en die algemene lessen toepast voor het verbeteren van zijn desserts, omdat die doorgaans minder goed lukken. Dit zal niet helemaal werken, want desserts hebben specifieke inherente eigenschappen die het proces anders maken dan voorgerechten. Bijvoorbeeld dat ze soms bevroren zijn en kunnen smelten. Die eigenschappen en relaties tussen stappen in het proces ga je dan niet oppakken. Het gaat bij Safety II juist om het kijken naar beide kanten van de medaille voor eenzelfde proces: waarom gaat dit meestal goed, maar ook soms fout? Hoe kunnen we ondersteunen dat het nog vaker goed gaat? Hier is niet één perfecte aanpak voor, het domein blijft zich ontwikkelen. Er is ruimte voor creativiteit om met de kernprincipes aan de slag te gaan, met de theorie als achtergrond.’

Context waarin zorgprofessionals werken

Marit benadrukt dat onderzoekers zich bewust moeten zijn van de vele variabelen in de context waarin zorgprofessionals werken, bijvoorbeeld door verschillen in lokale afspraken of infrastructuur, maar ook verschillen tussen patiëntengroepen. Zo spelen bij het per ambulance overplaatsen van een zwangere patiënte met dreigende vroeggeboorte en weeën andere zaken een rol dan bij de overplaatsing van een patiënte met zwangerschapsvergiftiging. ‘Dan moet je gaan begrijpen waarom het normaal goed gaat en hoe je dat kunt versterken voor specifiek dat proces. Vervolgens kun je natuurlijk altijd gaan nadenken over generaliseerbaarheid, maar in principe zul je bij andere processen weer specifiek naar die alledaagse praktijk moeten kijken.’

'Hopelijk werken we over 10 jaar aan patiëntveiligheid door vooral dagelijks goed en veilig werk te ondersteunen, in plaats van alleen specifieke onveiligheid te voorkomen'

Toekomstverwachting

Tot slot vragen we Marit naar haar toekomstverwachting. Waar staat Safety II over 10 jaar? ‘Ik hoop dat zorgprofessionals, dankzij Safety II, patiëntveiligheid gaan zien als een integraal onderdeel van het werk, en niet iets dat je op vrijdagmiddag nog even moet doen in een bespreking. Veiligheid wordt continu gecreëerd door onze mensen, en het is onze taak hen te ondersteunen hierin. Over 10 jaar gaan activiteiten rondom patiëntveiligheid hopelijk niet meer enkel over voorkomen van specifieke onveiligheid, maar meer over het ondersteunen van dagelijks goed en veilig werk.’

Planning tweede subsidieronde

De tweede subsidieronde over Safety II en veiligheidsergonomie komt in maart 2022 online. In januari vindt een projectleidersbijeenkomst plaats om de eerste ervaringen van de projecten uit de eerste subsidieronde uit te wisselen. We zien uit naar bevindingen en nieuwe onderzoeken die de werkzaamheid en werkbaarheid van Safety II gaan aantonen!

11 gefinancierde onderzoeken naar Safety II

Over het programma Safety II en veiligheidsergonomie

Eind 2018 is met de Federatie Medisch Specialisten, Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra, Zelfstandige Klinieken Nederland, Patiëntenfederatie Nederland en Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland het programma Tijd voor Verbinding opgezet om de patiëntveiligheid te verbeteren in ziekenhuizen. Wij dragen aan één van de pijlers van het programma bij met het onderzoeksprogramma Safety II en veiligheidsergonomie. Safety II is gericht op het vergroten van patiëntveiligheid door te kijken naar wat goed gaat, dus wanneer veiligheid aanwezig is, in plaats van uitsluitend naar wat niet goed gaat, wanneer veiligheid afwezig is. Daarbij ligt de focus op het aanpassingsvermogen en de veerkracht (resilience) van zorgprofessionals in de context waarin zij werken.

ZonMw voerde aan de start van het project een kennissynthese uit over de achterliggende principes. Het doel van het ons programma Safety II en veiligheidsergonomie is een onderbouwing leveren of de principes van Safety II ook werken in de praktijk en leiden tot veiligere zorg voor patiënten. En om een lerend programma in te richten als onderdeel van het programma Tijd voor Verbinding, om de beweging op gang te brengen die de borging van de aanpak verder in de praktijk zal verankeren.

Meer informatie

Redactie Simone Schellekens en Paula du Pont, Eindredactie ZonMw

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website