‘Vrij veel kinderen hebben in meer of mindere mate psychosociale problemen. Een preventieve én vroege aanpak voorkomt grote problemen op latere leeftijd.’ Menno Reijneveld is hoogleraar Sociale Geneeskunde aan het UMC Groningen. Hij ziet dat de jeugdgezondheidszorg (JGZ) al grote stappen heeft gezet in het signaleren en helpen van kinderen met psychosociale problemen.

Psychosociale problemen worden onderverdeeld in 3 groepen: gedragsproblemen, emotionele problemen, of sociale problemen, dus in de omgang met leeftijdsgenoten. Professionals in de JGZ constateren bij een kwart van de kinderen op enig moment psychosociale problemen. Reijneveld: ‘Natuurlijk zijn dat vooral lichte zaken en verdwijnt de problematiek meestal vanzelf. Maar het laat wel zien hoe belangrijk het is, dat we ermee bezig zijn.’

Rol van de JGZ

De rol van de JGZ is om eerst in kaart te brengen hoe het met de kinderen gaat, schetst Reijneveld: ‘Professionals zoeken uit of er problemen zijn. En zijn die er, hoe gaan de ouders er dan mee om? Kunnen ze het aan? Soms kan de professional volstaan met adviezen, soms is verdere ondersteuning gewenst. Een enkele keer is gespecialiseerde zorg nodig. Dan verwijst de JGZ door.’ De JGZ is volgens Reijneveld bij het aanpakken van de psychosociale problemen van groot belang: ‘De professionals helpen het probleem op te lossen of hanteerbaar te maken. Dat draagt bij aan het welzijn van het kind én de ouders. Op die manier ondersteun je het maatschappelijk functioneren van een kind.’ 

portret Hein Raat

Lang last van

Uit onderzoek blijkt volgens Reijneveld dat kinderen met psychosociale problemen die niet goed of op tijd behandeld worden, daar lang last van houden. ‘Ze behalen later moeilijker een diploma, en vinden lastiger een goede baan. Zij worden lager betaald, hebben minder aantrekkelijk werk, zijn somberder. Zulke problemen werken zó lang door, het bepaalt hun verdere levensloop; dat maakt het belang van een goede aanpak wel zichtbaar.’

Grote stappen gemaakt

Een goede aanpak is wat Reijneveld betreft: er op tijd bij zijn en ook aandacht besteden aan lichte problemen. De JGZ heeft daarin volgens hem de afgelopen jaren flinke stappen gezet. ‘Professionals in de JGZ weten steeds beter wat zij kunnen doen. Zij hebben een enorme ontwikkeling doorgemaakt, bijvoorbeeld dankzij projecten die de vaardigheden van professionals hebben versterkt.’ Ook gebruiken zij meer onderbouwde instrumenten, waaronder korte vragenlijsten om psychosociale problemen te herkennen.

Herziene richtlijn

Een belangrijke ontwikkeling vindt Reijneveld ook de in 2016 herziene richtlijn ‘Vroegsignalering van psychosociale problemen’. Deze richtlijn uit 2008 was aan vervanging toe. Reijneveld: ‘In de nieuwe richtlijn zie je een enorme toename van het aantal instrumenten en van de mogelijkheden tot lichte interventies. Hier zat de JGZ echt op te wachten. Het helpt niet alleen bij het opsporen van problemen; bij een geconstateerd probleem geeft de richtlijn ook uitsluitsel over de beste manier van handelen.’

Nieuwe positie

Een grote uitdaging voor de JGZ is nu het bepalen van een goede positie in het nieuwe jeugdhulp-veld, zo meent Reijneveld: ‘De nieuwe Jeugdwet van 2015 legt het accent op preventie en vroegtijdige signalering. Dat zit in de kern van de JGZ. Voor de JGZ is dan de vraag welke plek zij inneemt. Is dat ín een jeugdteam of wijkteam? Of is dat primair op scholen? Hoe kun je de deskundigheid van de JGZ beter positioneren in het veld? Kan de JGZ bij zware of meervoudige problemen ook een rol spelen als casemanager? En welke rol neemt de JGZ bij ouderondersteuning? Dat is in veel regio’s nog niet helder.’

Kennishiaten opsporen

Een belangrijk thema dat meer aandacht behoeft, is bijvoorbeeld kindermishandeling, een groot risico voor het ontstaan van psychosociale problemen. ‘Daarbij willen we nog beter kijken hoe we die kunnen opsporen en voorkomen. Ook hierin speelt de JGZ een belangrijke rol.’ Een ander thema - psychosociale problemen en schooluitval - krijgt momenteel al veel aandacht. ‘Daarin maken we echt stappen. Door betere communicatie met scholen en door vroegtijdige ondersteuning van kinderen die dreigen uit te vallen, kan de JGZ schooluitval voorkomen. Ook hierin hebben professionals een ontwikkeling doorgemaakt. De verbinding met school is versterkt, waardoor we vaker langdurig verzuim en uitval voorkomen. Dat betekent niet alleen winst voor het kind, maar ook winst voor de hele maatschappij.’

Psychosociale gezondheid

Psychosociale gezondheid is een belangrijke voorwaarde om goed te kunnen functioneren. Gelukkig gaat het met een groot deel van de jeugd goed. Maar soms zijn er psychosociale problemen. Dat kunnen emotionele problemen zijn, maar ook gedragsproblemen of sociale problemen. Vaak nemen deze problemen toe in de adolescentie. Die toename is sterker in bepaalde groepen, zoals jongeren met laag opgeleide ouders en in lagere schoolniveaus. De verschillen tussen groepen zijn echter relatief klein, alle jongeren hebben aandacht nodig. Psychosociale problemen kunnen ten dele voorkomen worden door kinderen met risicofactoren zo vroeg mogelijk te herkennen. En waar mogelijk te interveniëren en ouders extra ondersteuning te bieden. De JGZ speelt bij deze vroegsignalering een belangrijke rol vanwege het hoge bereik van kinderen en ouders, juist in de eerste levensjaren.

Rol van ZonMw 

ZonMw investeert in onderzoek en ontwikkeling binnen de JGZ. Wij investeren in onderzoek hoe de JGZ het beste kan bijdragen aan de psychosociale gezondheid van kinderen en jongeren. Bijvoorbeeld door onderzoek naar bestaande vragenlijsten. Om zo op iedere leeftijd een goede signalering mogelijk te maken. Of door te onderzoeken welke interventies het meest effectief zijn voor het verbeteren van de sociale vaardigheden van jongeren. Die bevindingen implementeren we, bijvoorbeeld door goede voorbeelden te verspreiden en door nieuwe inzichten in te brengen bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van richtlijnen voor de JGZ. Met de herziening van de JGZ-richtlijn ‘Psychosociale problemen’ wordt JGZ-professionals een up-to-date en onderbouwd fundament geboden voor het signaleren, bespreekbaar maken, registreren, handelen en samenwerken bij psychosociale problemen bij het kind. Ook maakt ZonMw de implementatie van richtlijnen mogelijk.

Samenwerking

ZonMw werkt voor de jeugdgezondheidszorg samen met talrijke organisaties, zoals het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid, het Nederlands Jeugdinstituut, beroepsverenigingen, brancheorganisaties, praktijkinstellingen, hogescholen, universiteiten en kennisinstituten zoals TNO en Trimbos instituut.

ZonMw-programma’s speciaal voor de JGZ

Er zijn 2 programma’s die zich specifiek op de JGZ richten. Het programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018 (www.zonmw.nl/richtlijnenjgz) moet leiden tot verdere professionalisering en uniformering in de jeugdgezondheidszorg. Dit gebeurt door de ontwikkeling en herziening van richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen en producten die de invoering van richtlijnen ondersteunen. 

Het programma Versterking Uitvoeringspraktijk Jeugdgezondheidszorg 2015 – 2018 (www.zonmw.nl/versterkingjgz) richt zich op het verder onderbouwen en waar nodig doorontwikkelen van veelbelovende werkwijzen daar waar deze werkwijzen nog onvoldoende onderzocht zijn. Daarnaast richt het programma zich op innovatieve werkwijzen voor de JGZ die de positionering van de JGZ in het sociale domein betreffen. 

Tekst Leene Communicatie. Portret Martin de Bouter.

Gerelateerde links

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website