Bij instellingen binnen de geestelijke gezondheidszorg (ggz) zijn steeds meer ex-cliënten werkzaam als ervaringsdeskundige. Dat kan als een soort maatje, maar ook als volwaardig begeleider. Het project ‘Inzet Ervaringsdeskundige in de Praktijk’ bood de mogelijkheid om ook bij vrijgevestigde hulpverleners een jaar lang ervaringsdeskundigen in te zetten.

‘Reguliere ggz-instanties kunnen de kosten voor ervaringsdeskundigen vergoed krijgen binnen het zorgbudget van de verzekeraars’, vertelt projectleider en ervaringsdeskundige Koos de Boed. ‘Dat ligt anders bij vrijgevestigde psychologen en psychiaters. Daar zouden cliënten dat zelf moeten betalen en dat lijkt me niet gewenst.’

Ervaring opdoen

Ervaring met ervaringsdeskundigen buiten ggz-instellingen is er dan ook nog weinig. Met financiële middelen van het programma Voor elkaar! kon De Boed in Groningen gedurende een jaar uittesten of deze zorg iets toevoegt aan de reguliere zorg van vrijgevestigden. Daarvoor werkte hij samen met een psychologenpraktijk.

‘De tijd dat ervaringsdeskundigheid beloond werd met een VVV-bon, ligt wel achter ons.’

Veel gesprekken

Bijna een jaar na de start van het project is De Boed enthousiast over de uitkomsten. ‘We hebben nauwelijks iets aan publiciteit gedaan, maar we hebben als ervaringsdeskundigen veel meer gesprekken met cliënten gevoerd dan gepland. We gingen uit van 3 tot 4 gesprekken per week, maar we zitten nu op een gemiddelde van 6 tot 8. Met sommige cliënten heb je 1 of 2 gesprekken, maar het kunnen er in totaal ook wel 10 of 15 worden. Dat hangt van vele factoren af.’

portretfoto van Koos de Boed

Wie is Koos de Boed?

Koos de Boed is projectleider en ervaringsdeskundige in de ggz. ‘Ik heb een geschiedenis met verschillende opnames in ggz-instellingen en suïcidepogingen. Als ik destijds hulp zou hebben gehad van iemand die weet wat het is om ggz-patiënt te zijn, dan had dat mij een heleboel hoofdbrekens bespaard. Dat is voor mij de motor om dit werk te blijven doen. Ik zit er echt met hart en ziel in.’

Ook via sociaal werk

‘We krijgen cliënten binnen via de vrijgevestigden en soms via het sociaal werk in de stad’, vertelt De Boed verder. ‘Maar cliënten kunnen zich ook zelf bij ons aanmelden.’ De gesprekken die de ervaringsdeskundigen voeren, zijn meestal aanvullend op de hulp van een psycholoog of andere zorgverlener. De Boed benadrukt dat je wel een onderscheid moet maken tussen de gesprekken die een hulpverlener voert en de hulp van een ervaringsdeskundige. ‘Wij geven geen therapie, maar begeleiden mensen wel.’

Dicht bij de cliënt

Maar wat is dan het verschil? ‘Dat heeft met verschillende dingen te maken’, legt De Boed uit. ‘Een hulpverlener heeft altijd een professionele afstand. Wij staan dichter bij de cliënt. Wij praten ook over onze eigen ervaringen. Een hulpverlener werkt vooral vanuit een probleem, vanuit het ziektebeeld. Wij kijken naar alle leefgebieden, wij hebben het ook over dingen die de cliënt nog wel kan. Over gewone levenszaken.’

‘We zijn zzp’ers, met een door de Nederlandse Zorgautoriteit erkend beroep.’

Verschillende niveaus

Ervaringsdeskundigheid heb je op allerlei niveaus. Je kunt er trainingen of cursussen voor volgen, een mbo-opleiding doen of via een hbo-instelling een tweejarige opleiding volgen met een Associate Degree. De Boed: ‘We worden ook gewoon betaald. De tijd dat ervaringsdeskundigheid beloond werd met een VVV-bon, ligt wel achter ons. We zijn zzp’ers, met een door de Nederlandse Zorgautoriteit erkend beroep. Maar omdat we niet BIG-geregistreerd zijn, komen we niet in aanmerking voor vergoeding door een verzekeraar.’

In gesprek

Met de subsidie van Voor elkaar! kon De Boed een jaar lang de ervaringsdeskundigen uitbetalen. Hij had gehoopt dat er lopende dat jaar overeenstemming zou zijn bereikt met verzekeraars over zo’n vergoeding, maar tot nu toe is dat niet gelukt. ‘Ik verwacht ook niet dat dat snel gaat veranderen. Die processen gaan traag.’ Dus proberen ze het nu via gemeenten, maar ook daar vangen ze voorlopig bot. ‘Dat snap ik wel. De zorgbudgetten van gemeenten staan zwaar onder druk. Ze zijn wel heel enthousiast, maar ik verwacht daar op korte termijn geen financiering van.’ Dus voorlopig blijven de Boed en zijn collega’s afhankelijk van projectsubsidies.

    Vijf cruciale vragen

    Vraag 1: Hoe weet je dat er behoefte aan jouw project was?

    ‘Dat bleek uit gesprekken die wij voerden met vrijgevestigde hulpverleners en cliënten. Die wilden graag gebruik van ons maken, maar dat bleek financieel niet te passen in de huidige financieringsstructuur.’

    Vraag 2: Met wie heb je samengewerkt?

    ‘Met name met onze mede-aanvrager het Expertisecentrum Trauma en Verlies. Dat is een praktijk van vrijgevestigde psychologen.’

    Vraag 3: Hoe zorgen jullie ervoor dat je veel mensen bereikt?

    ‘Daar hebben we niet echt ons best voor hoeven doen. We hebben gesproken met vrijgevestigden, hebben een folder verspreid en wat reclame gemaakt via social media. De meeste mensen komen via via bij ons terecht.’

    Vraag 4: Hoe zorgen jullie voor veel impact?

    ‘Juist omdat wij zelf ervaringsdeskundig zijn, zie je dat cliënten makkelijker en opener met ons praten dan met iemand anders. Bijvoorbeeld over suïcidegedachten. Er is onderling minder schaamte, meer veiligheid. En wat de impact op projectniveau betreft: ik hoop echt dat andere steden ons voorbeeld volgen en dat verzekeraars “omgaan” en ons werk gaan vergoeden als reguliere zorg.’

    Vraag 5: Wat is volgens jou jullie belangrijkste succesfactor?

    ‘Wij werken onafhankelijk van de hulpverlener, maar werken wel met de hulpverlener samen. Juist die combinatie biedt meerwaarde. Dan krijg je het beste van twee werelden. En uiteraard, wij werken vanuit onze eigen achtergrond als cliënt. Dat is essentieel.’

    Meer weten over dit project? Kijk op:

    © ZonMw 2019

    Auteur Marcel Senten Fotografie Shutterstock

    Verder lezen

    Naar boven
    Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website