Halverwege mei vond een kleine online-bijeenkomst plaats van 6 Voor elkaar!-projecten die zich bezig houden met het thema Werk. Twee uur lang spraken zij met elkaar over wat hen bindt en of (en hoe) ze eventueel krachten kunnen bundelen.

Van tevoren was met elke projectleider besproken wat voor hen belangrijke gespreksonderwerpen zouden kunnen zijn. Dat bleken vooral onderwerpen die gaan over ‘hoe om te gaan met andere partijen’. Bijvoorbeeld over ‘hoe krijgen we binnen de reguliere zorg het thema werk op de agenda zodat er al in een vroeg stadium gekeken wordt naar re-integratie’. Maar ook: ‘Hoe krijgen we als patiëntenorganisaties zeggingskracht binnen de systeemwereld van werkgevers, bedrijfsartsen, arbeidsdeskundigen, verzekeringsartsen en gemeenten?’

Gezamenlijk impact realiseren

Programmamanager Jolanda Huizer legde aan het begin van de bijeenkomst uit dat deze bijeenkomst een pilot is om te kijken of we door projecten op thema met elkaar te verbinden, de projectleidersbijeenkomsten meer diepgang kunnen geven. Daarbij staat de vraag centraal wat projecten van elkaar kunnen en leren en hoe projecten gezamenlijk nog meer impact kunnen realiseren. Daarbij noemde ze expliciet de mogelijkheid om in vervolgrondes van Voor elkaar! gezamenlijke subsidieaanvragen in te dienen; de eerste vervolgronde start nog vóór de zomer.

Zingeving en noodzaak

De 6 projecten staan verderop in dit artikel beschreven in het kader met een carrousel waar je doorheen kunt klikken. Dat het thema werk belangrijk is voor patiëntenorganisaties is niet voor niets. ‘Werk zorgt voor zingeving, sociale contacten, het gevoel mee te doen, van waarde te zijn voor de samenleving. Daarom is het ook zo’n mooi thema om als patiëntenorganisatie mee bezig te zijn. Het is gewoon belangrijk voor mensen’, zegt Nelleke Cools van Hoofdpijnnet. ‘Werk is ook gewoon nodig,’ vult Roos Hoelen van Incluvisie aan. ‘Je hebt geld nodig om te leven. Het is een eerste levensbehoefte; het zorgt voor bestaanszekerheid.’

‘Er is ook een groep die nooit meer aan het werk zal komen. We moeten deze mensen niet tot tweederangsburgers maken.’

Recht op rust

Daar ontstaat gelijk discussie over. Ja, werk is belangrijk en als maatschappelijke regels of de uitvoering daarvan niet goed zijn, dan moet daar wat aan gedaan worden. ‘Maar’, zegt onder andere Erna Smeekens van Lansco ‘er is ook een groep die nooit meer aan het werk zal komen. We moeten deze mensen niet tot tweederangsburgers maken.’ Oftewel: we moeten enerzijds mensen die kunnen en willen werken ondersteunen, maar mensen voor wie dat een brug te ver is, moeten ook op andere manieren kunnen participeren in de samenleving. Erna Smeekens: ‘Mensen hebben ook recht om met rust gelaten te worden.’

Niet meetbare problemen

Daar waar het gaat om mensen weer aan werk te helpen zien de deelnemers aan de discussie een groot aantal problemen. Zo lopen de contacten tussen bijvoorbeeld bedrijfsartsen en de behandelende artsen niet goed, mede doordat ze afhankelijk zijn van verschillende financieringsstromen. Maar ook kunnen er tegenstrijdige adviezen worden gegeven: de behandelend arts zegt ‘doe het nog maar even rustig aan’ terwijl de bedrijfsarts erop aandringt zo snel mogelijk weer zoveel mogelijk te werken. Daarnaast kunnen mensen uitbehandeld zijn, maar nog wel veel restproblemen hebben die niet altijd goed meetbaar zijn. En wat niet meetbaar is, nemen veel professionals in het re-integratieproces niet mee bij bijvoorbeeld beoordelingen over mogelijkheden tot werkhervatting.

'Ga ervanuit dat mensen in principe eerlijk zijn over hun beperkingen en graag willen deelnemen aan de samenleving.’
Een vrouw met donker haar praat met haar collega's. We zien de vrouw van op haar rug. Ze draagt een gele trui en heeft een paardenstaart in. Terwijl ze praat gebaart ze met haar handen. Haar vrouwelijke collega's kijken naar haar vanaf een bank in de buurt.
© Shutterstock

Verhaal van cliënt als basis

Hans Blaauwbroek die werkt voor het project arbeidsparticipatie bij zeldzame endocriene ziekten, pleit ervoor dat in de re-integratie het ‘verhaal van de cliënt’ veel meer als leidend principe wordt genomen. ‘Neem het verhaal van de cliënt als basis, totdat het tegendeel is bewezen. Ga ervanuit dat mensen in principe eerlijk zijn over hun beperkingen en graag willen deelnemen aan de samenleving.’ Hij zou graag gezamenlijk willen kijken hoe die omslag realiseerbaar is door inzet van samenwerkende patiëntorganisaties.

Businesscase

Gesteld wordt door onder andere Judith Veen van Heart2hear, dat je voor dergelijke veranderingen samen een businesscase moet maken om aan te tonen wat de effecten zijn van een andere benadering bij re-integratie van mensen met een aandoening. ‘Het gaat er ook om dat je kijkt wat de doelen van een organisatie zijn. Wat kan een betere begeleiding en inzet van bijvoorbeeld mensen met een beperking voor zo’n organisatie betekenen? Wat kost het en wat levert dat op?’ Veen: ‘Wij moeten ook leren kijken door de bril van die ander.’

Vuist maken

Nelleke Cools van Hoofdpijnnet vult aan dat dat precies is waar zij mee bezig zijn. ‘Wij zijn van plan inzichtelijk te maken wat het werkgevers oplevert als ze betere begeleiding bieden aan mensen met chronische hoofdpijn.’ Titus Radstake van de Vereniging van Mensen met Brandwonden voelt er wel wat voor om elkaar te ondersteunen bij het maken van dergelijke businesscases. ‘Als we dat meer gezamenlijk doen, dan hebben we ook een grotere achterban om een vuist mee te maken.’

In de zorg of erbuiten?

Discussie ontstaat of en hoe je zorgt dat bij de specialistische zorg in met name ziekenhuizen ook het thema re-integratie en werk aan de orde komt.  Specialisten hebben weinig tijd en het is de vraag of je daar ook op de juiste plek bent. Nelleke Cools: 'Het is al heel mooi als zij 'werk' een plek geven in het behandeltraject, bijvoorbeeld door er bij de intake naar te informeren en door te weten naar wie ze moeten doorverwijzen.’ Judith Veen stelt bovendien dat de intramurale zorg steeds meer gericht zal zijn op behandelen en dat alle nazorg en aanpalende zorg extramuraal zal gebeuren. ‘Dus we moeten breder kijken en zien waar we dit thema moeten beleggen en hoe we daarbij kunnen aansluiten bij belangen en wensen in het veld.’

Campagnewens

Overeenstemming is er dat er toch eigenlijk een soort overkoepelende campagne zou moeten komen om de samenleving en werkgevers in het bijzonder ervan te overtuigen dat patiënten en mensen met een beperking ieder op zijn of haar eigen manier een waardevolle bijdrage aan de samenleving kan leveren. Erna Smeekens: ‘We hebben het allemaal over inclusie, maar in de praktijk komt er te weinig van terecht. Mensen moeten nog teveel vechten en dat gaat ten koste van wat ze wél te bieden hebben. Laat mensen zijn wie ze zijn en bijdragen wat ze bijdragen kunnen.’

Tips

Bij de kennismakingsronde aan het begin van de bijeenkomst vroegen we alle deelnemers een tip te geven aan de anderen. Dit zijn de tips die zij elkaar gaven:

  • Allerlei personen en organisaties waar patiënten in een re-integratieproces mee te maken krijgen, lopen vaak tegen dezelfde problemen met bijvoorbeeld regelgeving aan. Dat betekent dat als je in je project zaken in dat proces wilt veranderen, bedrijfsartsen of bijvoorbeeld arbeidsdeskundigen veel vaker medestander zijn dan je zou denken.
  • Spreek met zoveel mogelijk mensen extern. Leg je contacten ook al is je project nog niet echt van start. Die contacten komen later van pas. Netwerken is belangrijk!
  • Benader in het begin van je project vooral die organisaties waar je al goede banden mee hebt: begin met het laaghangende fruit.
  • Durf te vragen! Wees open en wees je bewust van je vooroordelen over je ‘tegenstander’/gesprekspartner. Leg die op tafel en je zult zien dat de ander(bijvoorbeeld een werkgever) ook allerlei ideeën heeft over jou als patiënt(enorganisatie). Het lucht op als die besproken kunnen worden.
  • Het begint bij de patiënten zelf. Stimuleer mensen om over hun aandoening, schuldgevoel, eenzaamheid of schaamte te praten. Dat leidt tot begrip en biedt weer mogelijkheden voor verbetering van de situatie.
  • Samen kom je verder (en dat geldt ook voor subsidieaanvragen….).

De 6 Voor elkaar!-projecten over werk

Mensen met een functiebeperking in gesprek met werkgevers

Incluvisie heeft een aantal bijeenkomsten georganiseerd waarin mensen met een fysieke of zintuigelijke beperking in gesprek zijn gegaan met werkgevers. Doel van deze bijeenkomsten was het geheel vrijblijvend en op een veilige manier kennis maken met elkaar. Tijdens de (online) bijeenkomsten bleken er over en weer veel vooroordelen en aannames te bestaan. Variërend van (werknemer): Ze willen mij toch niet, tot (werkgever) Mensen vinden het vervelend als ik naar hun beperking vraag.

De gesprekken hebben over en weer veel verduidelijkt. Soms ontbrak er basale kennis, ook over regelgeving, soms was er gewoon sprake van vooroordelen. Deze werden open en eerlijk besproken, zodat er ruimte kwam voor verandering vanuit beide kanten.

Deze gesprekken werden vanuit het ZonMw-project in twee steden uitgevoerd. Streven is dit project verder landelijk uit te rollen.

Bekijk voor meer informatie de projectpagina 'Netwerk Incluvisie-werkgevers'.

Mijn re-integratieplan.nl en Samen Bouwen aan Participatie

Mijn re-integratieplan is een gratis online leerprogramma voor mensen, met of zonder werkgever (bijv. zzp-ers), die ziek zijn. Met dit programma leren ze grip te krijgen op hun re-integratie. In het programma staat onder andere informatie over wat de overheid van hen en hun werkgevers  verwacht in een re-integratietraject. Er is aandacht voor de belangrijkste redenen dat zij het werk niet (volledig) kunnen uitvoeren en ze krijgen ondersteuning bij het uitzoeken welke aanpassingen of maatregelen hen kunnen helpen om weer (meer) aan het werk te gaan en dat vol te houden. Ook kunnen mensen gesprekken met werkgevers en/of bedrijfsartsen, verzekeringsartsen voorbereiden en oefenen en allerlei achtergrondinformatie lezen. De tool is voor iedereen gratis beschikbaar op www.mijn-reintegratieplan.nl maar wordt bijvoorbeeld ook aangeboden via een nazorgmodule van de drie brandwondencentra.

In het project Samen Bouwen aan Participatie heeft de Vereniging van mensen met brandwonden op basis van gesprekken met 80 patiënten, 3 persona ontwikkeld van patiënten met een andere achtergrond qua werk: een zzp’er, een werknemer en een werkzoekende. Op basis van die 3 persona gaan ze in gesprek met mensen die van belang zijn bij re-integratie (werkgevers, keuringsartsen, arbeidsdeskundigen et cetera) om daarmee de re-integratie van mensen met brandwonden te versterken.

Bekijk voor meer informatie de projectpagina's 'Mijn re-integratieplan' en 'Samen bouwen aan participatie'.

Cursus ondernemerschap voor scharrelondernemers

In diverse plaatsen van ons land zijn coöperaties van scharrelondernemers. Zo’n coöperatie bestaat uit mensen met een beperking/aandoening die in een uitkering zitten, waarbij de afstand tot de arbeidsmarkt erg groot is, en die met een vorm van ondernemerschap een deel (gemiddeld 5%) van die uitkering zelf verdienen. Elke scharrelondernemer krijgt de kans eigen talenten te ontwikkelen. De één bouwt websites de ander is hovenier, en weer een ander is fotografe. Doel is niet zozeer ‘uitstroom uit de uitkering’ (dat is voor de meesten totaal niet haalbaar) maar wel zaken als zingeving en (zelf)waardering. Jaarlijks wordt binnen de coöperatie de balans opgemaakt van wat de ondernemers verdiend hebben tegen welke kosten. De winst die overblijft is voor de gemeente.

Omdat deze mensen veelal niet echt beschikken over ondernemerskennis- en vaardigheden krijgen ze in dit project een cursus van 13 weken aangeboden. De cursus is ontwikkeld en uitgetest maar door corona almaar uitgesteld. Inmiddels is in Gouda de eerste cursus van start gegaan. In de cursus gaat het o.a. om zaken als prijsstelling, productdefiniëring, persoonlijke talentontwikkeling, leren netwerken, administratie, et cetera.

Bekijk voor meer informatie de projectpagina 'Coöperatief ondernemen naar vermogen voor mensen met onzichtbare beperkingen. Een training in ondernemersvaardigheden'.

Hoofdpijnnet: van inloopspreekuur naar Werk als thema in de zorg

In het (kleine) project van Voor elkaar was het de bedoeling bij 3 hoofdpijnpoli speciale spreekuren Werk in te stellen. Bij de voorbereidende besprekingen bleek dat het veel beter zou zijn om dit thema veel breder op te pakken binnen de poli’s. Daarom is een breder project gestart (uiteindelijk ook subsidie voor gekregen van het ZonMw-programma KIDZ) waarbij Hoofdpijnnet neurologen en hoofdpijnverpleegkundigen ‘opleidt’ om binnen de zorg het thema Werk in de behandeling een plek te geven. Daarbij worden ook allerlei hulpmiddelen en tools ingezet (zoals het hierboven genoemde Mijn re-integratieplan). Als volgende stap denkt Hoofdpijnnet nu aan een introductieprogramma per hoofdpijncentrum, waarvoor ze eerst nog wel op zoek zullen moeten naar financiering. Wellicht een mooi vervolgtraject…

Bekijk voor meer informatie de projectpagina 'inloopspreekuur werk'.

Geluidsstress op de kaart bij bedrijven en organisaties

Oorspronkelijk was het de bedoeling van dit project om bedrijven te ondersteunen bij de implementatie van de richtlijn ‘slechthorendheid en tinnitus’. Het bleek echter, zeker in coronatijd, erg moeilijk om bij bedrijven binnen te komen. Daarom is gekozen voor een andere aanpak. Enerzijds wordt in zorgorganisaties (ziekenhuizen met name) gekeken hoe ‘geluidsstress’ te verminderen is. Denk daarbij aan stress die veroorzaakt wordt door veel omgevingsgeluid, mondkapjes, coronaschermen etc. Dit maakt het voor met name mensen die minder goed horen heel moeilijk zich te concentreren. Hoe minder je hoort (en die groep is met name onder wat oudere werknemers heel groot), hoe meer je je moet concentreren om iets goed te verstaan en hoe meer last je hebt van allerlei factoren als omgevingsgeluid of gezichtsbedekking. Daarnaast worden lezingen gegeven aan bedrijfsartsen over geluidsstress en over hoe je daar als bedrijfsarts op kunt anticiperen.

Bekijk voor meer informatie de projectpagina 'Auditieve beperking en werk'.

Arbeidsparticipatie bij zeldzame endocriene ziekten

Doel van het project is te bevorderen dat zoveel mogelijk mensen met een zeldzame endocriene aandoening passende arbeid behouden of krijgen. Dit gebeurt op 3 manieren:

  1. Patiënten/cliënten toerusten met kennis, informatie, vaardigheden. Hiertoe is een werkwijzer ontwikkeld.
  2. Andere betrokkenen (bedrijfsartsen, arbeidsdeskundigen, verzekeringsartsen, werkgevers, collega’s) goed informeren onder andere m.b.v. factsheets.
  3. Het verbeteren van het proces van re-integratie (grote uitdaging). Hiertoe is een ‘reis door arboland’ ontwikkeld dat dient als gespreksbasis met de systeemwereld van werkgevers, bedrijfsartsen et cetera. Hier wordt een aantal beknopte pilots voor opgezet.

Bekijk voor meer informatie de projectpagina 'Arbeidsparticipatie bij zeldzame endocriene ziekten'.

Relevante documenten

De projectleiders noemden tijdens de bijeenkomst verschillende documenten en links waar anderen gebruik van kunnen maken. We zetten ze hier op een rijtje:

ZonMw en het thema werk

Werk is een belangrijk thema binnen verschillende programma's van ZonMw. Zo richt Vakkundig aan het werk zich op onderzoek om kennisvragen van gemeenten over bijvoorbeeld re-integratie, schuldhulpverlening en armoedebestrijding te beantwoorden. Ook bij het programma Onbeperkt meedoen! is volop aandacht voor werk. Zo helpen de eerste 4 projecten van het programma om drempels weg te nemen voor jongeren met een beperking die op zoek zijn naar een baan. In het najaar van 2021 volgt een nieuwe subsidieoproep van het programma, ook die zal gaan over het thema werk.

Subsidieoproep Voor elkaar!
De 6 projecten uit dit artikel zijn allemaal gefinancierd vanuit het programma Voor elkaar! Op dit moment staat er een oproep online waarin patiëntenorganisaties subsidie aan kunnen vragen voor een project met een thema naar keuze. Wil je een aanvraag indienen, bijvoorbeeld rond het onderwerp werk? Bekijk dan de tekst van de subsidieoproep.

© ZonMw 2021

Tekst Marcel Senten Fotografie Shutterstock

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: Onderkant website